woensdag 27 april 2005

Mijn hum

Ik zit er niet lekker in, in mijn hum. Ik ben mezelf echt een beetje kwijt. En dat voelt helemaal niet fijn.
Die stomme oproep van het UWV beheerst mijn hele doen en laten.
Dit is niks voor mij. Eigenlijk geniet ik elke dag. Van wat ik allemaal heb, hoe rijk ik me voel. Met Sjoerds liefde voor mij, onze lieve Rover, mijn lieve ouders, ons fijne huis, het mooie weer, de bloesems aan de bomen, onze mooie tuin, een vrolijk liedje op de radio en dat ik zo gelukkig ben met Sjoerd en het leven dat we samen leven.
Maar door die op stapel zijnde herbeoordeling is alles overhoop gegooid. Ik word verplicht weer heel bewust met mijn neus op de feiten gedrukt. Dat CF een kutziekte is, dat mijn leven - ondanks alle hele fijne dingen! - helaas toch niet zo is zoals ik het graag zou willen hebben. Het lijkt wel alsof het doosje 'rouwproces' weer uit de kast is getrokken, zonder dat ik daarom gevraagd heb. En daar heb ik nu dus helemaal geen zin in.
Ik wil de bloesems zien, de lente ruiken en zomerplannen maken.
Maar ik zit alleen maar te janken en me druk te maken. Ik vul schema's en dagindelingen in die zwart op wit laten zien dat ik het leven van een bejaarde leef, als je het vergelijkt met dat van vriendinnen. Het is de confrontatie van al mijn belemmeringen die het zo moeilijk maakt, denk ik.

Zonet heb ik mijn plaatselijke fysiotherapeut W. gebeld. Eigenlijk moet ik twee tot drie keer per week aan mijn conditie werken. En het liefst nóg vaker als het aan mijn sportzieke fysiotherapeut in het ziekenhuis ligt.
Maar het toeval wil dat ik een godsgruwelijke hekel heb aan alles wat ik moet en sport in het bijzonder. Sporten ís al stom en sporten-omdat-het-zo-goed-voor-me-is, is stom in het kwadraat.
Een jaar geleden hebben Sjoerd en ik een poging gedaan om samen minimaal een keer per week naar de fysio fitness te gaan. Met het idee dat we het dan 'een leuk uitje' noemden waar we toevallig ook nog eens fit van werden. Ja, ja. De eerste twee maanden ging het goed; alles wat nieuw is, is immers leuk. Maar daarna kwam de klad erin. "Heb jij zin om vanavond te gaan sporten?" "Uh... Eigenlijk niet. Jij?" "Ik ook niet. Zullen we maar thuis blijven?" "Oké!" En zo ontstond er een dikke laag stof op onze sportspullen.
Toch knaagde mijn schuldgevoel alweer een tijdje. Het engeltje op mijn ene schouder zei: "Je moet W. weer eens bellen. Ga nou sporten, je vindt het vast fijn als je het eenmaal weer hebt opgepakt." Maar het duiveltje aan de andere kant won het toch altijd. "Doe maar lekker niet, sporten is stom en je weet toch dat je je erna altijd rot voelt?" Tot vanmiddag! Toen heb ik die kleine rode rakker eens goed bij zijn lurven gepakt en hem geschopt naar waar de zon niet schijnt.
De aanstaande herbeoordeling met daaraan gekoppeld mijn geloofwaardigheid als schoolvoorbeeld van welwillende voltijds CF-patiënt leek me de uitgelezen kans om ook mijn sportieve leven weer een nieuwe impuls te geven.

W. gaat me terugbellen voor het maken van een afspraak voor de intake. Dan wordt bepaald hoe het met mijn conditie is gesteld. Aan de hand van die uitslagen maakt hij een op maat gesneden trainingsprogramma voor mij. Ik kan niet wachten...

En nu ga ik een lekker potje thee voor mezelf zetten, stop ik de cd van Racoon waar ik altijd zo vrolijk van word in de cd-speler met het volume op tien en ga ik vooral niet denken aan het UWV. Want dat is het allemaal niet waard!

1 opmerking:

Anoniem zei

Go for it Irene!
Ben trots op je!
Elke