woensdag 3 augustus 2005

Bijzondere belevenis

Hoe raar een dag kan lopen.

Om 7:15 uur gaat Sjoerd de deur uit, op weg naar zijn afspraak in Arnhem. In de auto besluit hij zijn telefoon alvast aan te zetten en ziet dat hij een voicemailbericht heeft. Degene met wij hij een afspraak heeft blijkt ziek te zijn en moet de afspraak annuleren. Nog voordat Sjoerd de auto heeft gestart kan hij dus weer terug naar binnen, kleedt zich om en kruipt met een boekje op de bank. De rest van de dag kan hij voor zichzelf thuis aan de slag.

Om 9:30 uur gaat mijn mobiel. Als ik zie dat het Mars is, bekruipt me meteen een naar gevoel. Mars belt niet voor niks zo vroeg. En inderdaad, huilend vertelt ze me dat Esmé het nu zo benauwd heeft dat de arts vindt dat het echt beter voor haar is om haar in slaap te brengen. Gelukkig heeft Mars haar nog even via de telefoon gesproken, precies zoals Esmé dat graag wilde. Ook geeft ze aan vanmiddag enerzijds graag naar Utrecht te willen maar daar anderzijds enorm tegenop ziet; mede omdat ze er alleen naar toe moet gaan. Als ik voorstel om ook naar Utrecht te komen en samen met Sjoerd als steunpilaar te fungeren, stemt ze na het nodige gewik en geweeg in.
Dus stappen wij om 11:00 uur in de auto met het idee 'dat dit zo heeft moeten zijn'. Mijn in de middag geplande afspraak met vriendin E. bel ik af. E. is vol begrip en wenst ons alle sterkte. Jeetje, wat bof ik toch met zo'n lieve vriendin!

Uiteindelijk treffen we Mars om 13:00 uur op het Centraal Station in Utrecht en na een snelle plas bij de Mac vervolgen we onze weg naar het UMC. Sjoerd laat ons er bij de hoofdingang al uit; hij moet immers buiten blijven wachten omdat we Rover ook hebben meegenomen. Helaas mag onze Clini Hond niet mee naar binnen, al zou hij heel wat zieke mensen een behoorlijke opkikker kunnen bezorgen!
Met toch wel wat zwabberige benen begeven we ons met de lift naar D4. Bij de IC aangekomen zoeken we eerst Esmé's familie om te vragen of we naar binnen mogen. We worden hartelijk ontvangen en krijgen de indruk dat ze het erg fijn vinden dat we zijn gekomen. Eerst gaat Mars naar Esmé, samen met Lotte. Ik word bijgepraat door Esmé's ouders Annelies en Henk, oma, een tante en transmaatje Bob. Als Mars en Lotte na een poosje terug komen, vraagt Annelies of ik ook naar Esmé toe wil. Ik vraag me luidop af of dat nu wel zo gepast is, maar niemand schijnt er problemen mee te hebben.
Gemondkapt en gehandschoend sta ik even later naast Emsé. Ze ligt er heel rustig bij en het enge gevoel dat zich de eeste tellen van mij meester leek te maken, verdwijnt volkomen. Wat fijn om haar te zien! Wat fijn om te horen dat ze geen pijn heeft. Als Annelies aan Esmé vertelt dat ik er ben en vraagt of ze dat fijn vindt, denk ik dat ik haar zie knikken. Of misschien wil ik dat zien en verbeeld ik het me. Het voelt in ieder geval goed en dat is nu het belangrijkste. Ik aai over haar hoofd en vertel dat ik het zo fijn vind om haar te zien. Ook zeg ik haar dat ik vind dat ze zo'n mooi versierde nagels heeft. Annelies licht toe dat ze die bij Lotte heeft laten doen, vlak voordat ze werd opgenomen. Maar dan word ik stil. Wat kan ik nog meer zeggen? Ik besluit dat zwijgen soms het meeste zegt en kijk vooral naar haar. De zuster legt nog wat uit over de dingen die er vanmiddag staan te gebeuren en daarna besluiten we om weer weg te gaan. Ik aai nog een keer over Esmé's been. Dag lief meisje.
Eenmaal buiten voel ik me opmerkelijk rustig. Wat voelde dit goed.
We praten nog even na in de familiekamer en nemen dan afscheid.

Buiten treffen we Sjoerd en Rover. We vinden alledrie dat we nu niet zomaar naar huis kunnen gaan en besluiten van de nood een deugd te maken. We zetten koers richting Leiden en bellen Azarja en Ellen. Ook zij hebben wel zin in een borrel en een babbel en een uur later zitten we gevijven in een Leidse kroeg af te dampen.
Omdat we er nu toch zijn, willen we meteen Azarja's huis wel even zien en na twee rondjes drank verplaatsen we onze praatgroep naar zijn huiskamer. Het ene moment kletsen we over van alles en nog wat en liggen we om niks onder de tafel van het lachen. Het andere moment krijgt het gesprek een hele serieuze wending en gooien we onze gevoelens, gedachten en angsten schaamteloos op tafel. Ook dit voelt fijn. Wel raar, maar toch ook fijn.
Omdat Azarja thuis eters krijgt, besluiten wij met ons vieren naar een pizzeria te gaan en daar de dag in Italiaanse stijl af te sluiten.

Als je me gisteravond had gezegd dat vandaag er zo uit zou zien, had ik je voor gek verklaard. Dan had ik er vast ook tegenop gezien. Maar omdat vandaag zo liep zoals het liep kon ik er eigenlijk best van genieten, hoe raar dat misschien ook klinkt. Het was fijn om onder gelijkgestemden te zijn, prettig om iets met je gevoel te kunnen doen en al je gedachten te kunnen delen met mensen die met hetzelfde bezig zijn. Want niks is frustrerender dan thuis bij de telefoon of achter de computer te gaan zitten wachten op nieuws...

1 opmerking:

Bob zei

Zit hier met ene flink hoge hartslag achter mijn pc. Sprak Lotte net en die vertelde me dat ze gingen beginnen. Zijn ze nu mee bezig denk ik. Hoop zo dat het goed gaat, zenuwen gieren door mijn keel. Mooi stuk over woensdag.

Spreek je snel weer, hopelijk in heel vrolijke stemming, Bob.