vrijdag 7 juli 2006

She's back!

J. is terug in mijn leven! J. en ik waren twee schooljaren lang de dikste vriendinnen. Havo 2 en 3 hebben we samen beleefd, maar toen we voor havo 4 allebei een ander vakkenpakket kozen, kwamen we niet meer bij elkaar in de klas en kwam de klad er al snel in. Ontzettend jammer, maar zo ging dat in die tijd.

Talloze avonturen, kleine drama's en grote triomfen hebben we samen beleefd. Zij mocht met ons mee op vakantie. Elke vrije minuut waren we in de stad te vinden om onze klerenverzameling te doen groeien. We spraken niet over 'jouw broek' en 'mijn t-shirt', maar vonden het niet meer dan vanzelfsprekend dat al onze kleren van ons samen waren. We pasten samen op, we hadden zelfs een gezamenlijke spaarpot. En als we niet bij elkaar over de vloer te vinden waren, hingen we wel aan de telefoon. Eigenlijk waren we net een getrouwd stel, al ontbrak gelukkig het gekibbel.

Onlosmakelijk met onze vriendschap is ook het brommerongeluk verbonden. J.'s broer P. had twee brommers. Zijn goede schoolexemplaar en zijn sleutelbrommer. Tijdens de eindeloos durende zomeravonden in 1994 mochten we ombeurten bij hem achterop en sjeesden we onbevangen door de bossen. Met wapperende haren van de wind en een lichte kriebel in de buik stoof het zand om onze oren. Dit was leven!
Op een goede middag verveelden we ons een beetje. De zon scheen naar hartelust en in onze buiken vlinderde het brommergevoel. We wilden er opuit. Maar P. was helaas niet thuis om ons rond te rijden. Even keken we elkaar met twinkelende ogen aan en op slag was ons snode plannetje gesmeed. Hij zou het vast niet erg vinden als wij heel even zijn brommer leenden om zelf een rondje te gaan rijden. In plaats van de groene sleutelbrommer namen we echter zijn wit-met-rode schoolbrommer, his pride and joy. Want die kregen we net wat makkelijker aangerend met onze witte spillebenen.
Oorspronkelijk zou J. beginnen met rijden en ik bij haar achterop gaan. Maar na driehonderd meter rennen, was de motor nog niet aangeslagen en stelde ik voor om het eens te proberen. Inmiddels waren we al lang en breed bij het zandpad naar het bos gearriveerd, toen de brommer eindelijk liep. Omdat ik toch al voorop zat, besloten we de volgorde om te draaien en mocht ik het eerste stukje rijden. Nog geen honderd meter verder lagen we alweer op de grond. Beduusd, geschrokken. Ik was de macht over het stuur verloren en met het achterwiel in het rulle zand weggegleden. Daar lagen we dan... De hele brommer in de kreukels, J.'s knie in puin en ik met het stuur pijnlijk in mijn onderbuik geplant. Al snel sloeg de paniek toe. "Wat moeten we nou zeggen J.?", vroeg ik angstig. "De waarheid!", sprak ze dapper. En dus sloegen we het stof van onze kleren, sleepten de brommer overeind en strompelden zo goed en zo kwaad als het ging terug naar huis.

Zij was bijna 14, ik bijna 15. Op het ingevulde schadeformulier stond het zwart-op-wit. We hadden samen zonder het te vragen de brommer van P. meegenomen en ik had mezelf schuldig gemaakt aan joyriding.
De geplande tienertoer konden we op onze buik schrijven en met het betalen van ieder 200 gulden was de schade aan de brommer afgelost.
En toch denk ik er nog steeds met een glimlach aan terug!

Na de havo gingen we ieder ons weegs, zoals dat heet. Tot J. zo'n drie jaar geleden ineens per e-mail contact met me opnam! Na een paar mailtjes heen en weer dreigde de boel door mijn laksheid opnieuw te verslappen. Maar afgelopen april heb ik de koe bij de horens gevat en haar opnieuw per mail opgezocht. Toen was het alleen nog maar een kwestie van een afspraak plannen...

Op 12 mei jl. kwam kwam zij bij ons thuis en vandaag ben ik naar haar toe gegaan. En het was zo leuk! Nieuw maar vertrouwd, een beetje vreemd maar tegelijk heel eigen. Hartstikke fijn! Het is net of ik weer een stukje van mezelf heb terug gevonden, zonder ooit beseft te hebben dat ik het kwijt was.

1 opmerking:

Elly zei

Mooi verhaal, Irèn!