zondag 4 oktober 2009

Onsniels

Op de dag dat we de sleutel van ons nieuwe huis in handen kregen, diezelfde avond nog, stond Niels ons met raad en daad terzijde. Onze Niels, timmerman en superklusser. En na vele uurtjes hulp inmiddels uitgegroeid van zoon-van-vrienden-van-mijn-ouders tot huisvriend.

Het was Niels die de leiding nam over het te leggen laminaat. In tegenstelling tot hoe de meeste mensen die stroken plastic hout linea recta uit het pak zo de betonnen vloer op zouden leggen, dacht hij een heel patroon uit. Het is een vloer met een repeterend ritme geworden. Iedere vijf rijen herhaalt het zich, werkelijk prachtig.
Tijdens het klusweekend voorafgaand aan de verhuizing had Niels leghulp. Van Sjoerd, zijn vader en de mijne. Nadat hij het patroon in ieders oren had geknoopt kreeg iedere klusser een eigen kamer. Sjoerd begon in de kleedkamer, zijn vader boog zich over de master bedroom en mijn vader ging aan de slag in de logeerkamer. Niels zou eerst de zolder afwerken en daarna als vliegende kiep en bediener van het monsterlijk enge zaagapparaat fungeren. Mijn moeder lag intussen met haar gipsen been op haar knieën de plinten van de tegelvloer te boenen en ik deed druk met koek en zopie. En ook nog iets met een emmer water en wat doekjes. De ochtend was begonnen met een wedstrijd tussen het geluid van mijn oude communieradio en het snerpende gezoem van het zaagmasjien, maar al gauw had de radio het onderspit moeten delven. Mijn vader bleek zich maar moeilijk te kunnen concentreren met zoveel herrie op de achtergrond. Arme man, want hij was ook al zijn bril vergeten en zag dus niet helemaal goed waar hij mee bezig was. En dat ook nog in combinatie met zijn ietwat worstige vingers. Tijdens het weghappen van wat vers gesmeerde broodjes zagen mijn moeder en ik Niels en Sjoerd geamuseerde blikken uitwisselen. De pretlichtjes in hun ogen beloofden echter niet veel goeds, voor mijn vader. "Wie gaat het hem zeggen?" vroeg Sjoerd uiteindelijk maar. "C., het spijt me, maar je hele kamer moet opnieuw!" gooide Niels uiteindelijk met een charmante lach de knuppel in het hoenderhok. En bij Sjoerd spoot de nep redbull zich door zijn neus een weg naar buiten. Hij bestierf het zowat. Mijn moeder en ik keken elkaar intussen grinnikend doch gealarmeerd aan. Ocherm, die arme pa. En hij bedoelde het zo goed. Gelaten trok hij zijn schouders op en kauwde nog maar een broodje weg. In de ogen van de prof lag het laminaat er niet mooi genoeg in. Het duurde uiteindelijk heel wat uurtjes langer maar achteraf zijn we blij dat hij toen zo streng was. Zelfs mijn vader. En dankzij diezelfde prof ligt er nu zelfs ritmisch laminaat in het ketelhok. Voorzien van puike plinten. Over topafwerking gesproken.

Toch was het onze eer te na om voor alle nog voorhanden zijnde karweitjes Niels in te schakelen. Dan konden we hem net zo goed kost en inwoning aanbieden, in ruil voor hand- en spandiensten met de boor. En dus besloten we de schilderijrail in de hal zelf op te hangen. Middels een uitje naar de Gamma zorgde ik voor de benodigdheden en daarna zou Sjoerd zich eens flink kwaad maken op de muur. Appeltje eitje, toch? Gewapend met boortje 6 beklom hij het huishoudtrapje terwijl ik mezelf een armverrekking bezorgde door de zuigmond van de stofzuigerslang zo dicht mogelijk bij het muurgruis te houden. En hij boorde. En boorde. En boorde. En mopperde. En zweette. En overwon! Maar kwam ook tot de verhelderende conclusie dat de rail in de slaapkamer nog maar even moet wachten tot Niels weer eens komt buurten. Of bij ons intrekt.

Geen opmerkingen: