dinsdag 28 oktober 2014

Science Fiction met minidarmpjes

Onderstaande column verscheen september 2014 in het CFcenTRaal.

*****

Lieve Arian,

Ik weet niet hoezeer jij je, in je huidige conditie, bezighoudt met alle ontwikkelingen op het gebied van wetenschappelijk onderzoek naar nieuwe behandelmethoden van CF. Ik zit er in elk geval met mijn neus bovenop. Vrij letterlijk.

Maar het kan bijna niet anders of je hebt wel eens iets gehoord of gelezen over HIT CF. Tijdens de afgelopen CF-dag vertelde professor Kors van der Ent uit het WKZ nog uitvoerig over dit wetenschappelijk paradepaard.
Kort gezegd slaan alle knappe koppen uit Utrecht, Rotterdam en Den Haag de handen ineen om tot een op maat gesneden behandelmethode voor de individuele CF-patiënt te komen. Daar hadden we in 1989, met de ontmaskering van het CF-gen, alleen maar van kunnen dromen!

Een onderdeel van het HIT CF programma is de VICI CF studie. Los van de bewonderenswaardige werkzaamheden en veelbelovende resultaten vind ik de namen die al die onderzoeken dragen ook vrij briljant. Welke bèta met talenknobbel verzint ze toch steeds?!
Voor de VICI CF studie stond ik afgelopen maand wat cellen af. Van mijn neus en mijn endeldarm om precies te zijn. Die neuscellen schroefde ik eigenhandig uit mijn reukorgaan. Met een soortgelijk borsteltje als zich ook in mijn make-uptasje bevindt en waar ik dagelijks mijn springerige wenkbrauwen mee in het gareel probeer te kammen.
Voor de darmcellen kwam er wat meer bij kijken. Onder andere een licht nerveuze MDL-arts in opleiding met een endoscoop in zijn hand. Die pareltjes begon te zweten toen bleek dat ik geen enkele vorm van voorbereiding had getroffen voordat ik mij meldde voor dit klusje. Nee, ook geen klysma. Terwijl in zijn ogen de angstige blik van een haasje in de koplampen van een auto te lezen lag, drong zich bij mij een expliciete scène uit het televisieprogramma Toren C op. Schuddebuikend lag ik met mijn blote bips op de onderzoekstafel. En besloot wijselijk dokter in wording het laatste woord te geven.

Al die geoogste cellen liggen nu in het lab, te groeien. Totdat ze groot genoeg zijn om vast te kunnen stellen hoe mijn CFTR-eiwit zich ontvouwt. En of er nog verschil is tussen de ontvouwde cellen uit mijn neus en mijn darm. Magisch interessante kost vind ik dat. Zelfs als ultieme alfa.
Een ander deel van mijn darmcellen wordt, met mijn toestemming, opgeslagen in een biobank. Alwaar ze uit zullen groeien tot organoids. Je weet wel, de bekende minidarmpjes. En er in principe tot in lengte van dagen onderzoek mee kan worden gedaan naar nieuwe behandelmethoden en hopelijk zelfs ooit genezing van CF.
Ik vind dat een heel mooi en dankbaar idee. Dat ik, zelfs als ik er op een dag niet meer ben, nog steeds mijn steentje bij kan blijven dragen. En dat een deel van mij er op een science fictionachtige manier altijd zal blijven zijn.

Liefs,
Irène

PS Als je benieuwd bent naar de scène uit Toren C tik dan eens op YouTube deze link in: https://www.youtube.com/watch?v=bqvatK-n6TE of zoek op “Toren C dokter poep”.

Geen opmerkingen: