woensdag 30 september 2015

De miesmuizende doemdenker

Onderstaande column verscheen maart 2015 in het CFcenCTraal.

***** 
 
Lieve Arian,

Laatst werd me gevraagd of ik een doemdenker ben. Of ik het ben? Je kunt beter zeggen dat ik het uitgevonden heb.


Als Sjoerd wat later thuiskomt dan verwacht, heb ik in de 15 minuten daaraan voorafgaand de politie al aan de deur gehad, iedereen geïnformeerd over zijn droeve lot en de crematie geregeld. En als ik zie dat hij om 23:42 uur nog online is geweest op WhatsApp terwijl hij in bed ligt, wenste hij zijn minnares vast en zeker een warm welterusten. Mijn moeder heeft er ook een handje van, trouwens. Zij gaat er steevast vanuit dat me iets gebeurt als ik achter het stuur zit. “Want ik vind dat maar niks, met die suiker en die hypo’s.” Het zal wel in de familie zitten.

Dat fatalisme gecombineerd met CF is niet altijd even handig. Vrijwel elke vakantie gaat vooraf aan gepieker over een keur aan rampspoed die me gaat treffen op mijn logeeradres in Frankrijk. Het begrip vakantievoorpret is mij volkomen vreemd. Pas als we op de terugweg de grensovergang bij Maastricht passeren, komt de grote vakantierust over me heen gerold.


Omdat mijn voedingstoestand in de loop van de jaren geslonken is van L naar XS moet er binnenkort een maagsonde geplaatst worden. Ik kan dat zelf ook nog maar amper bevatten. Mollie, die vroeger at als een bootwerker, zit nu te miesmuizen boven een bordje blote pasta gegarneerd met een enkel schijfje komkommer en twee halve cherrytomaatjes. Ergens onderweg ben ik het vermogen verloren om van eten te genieten. De afgelopen maanden ben ik voedsel gaan associëren met afkeer, strijd en frustratie. Waar we voorheen graag uit eten gingen om overal iets nieuws te proeven, is het tegenwoordig vaak meer een uitvlucht om niet zelf te hoeven koken. Je wil niet weten hoe vaak Sjoerd en ik ruziënd door de supermarkt hebben gelopen. Hij uit liefdevolle bezorgdheid om mij zoveel mogelijk calorieën toe te dienen. Ik wanhopig van walging bij het idee van weer een maaltijd te moeten verzinnen, klaarmaken en opeten. Toppunt was de geachte “Maar ik heb gisteren toch al warm gegeten?!” Ontelbaar veel flesjes nutridrink sinaasappel hielden me op de been de afgelopen tijd. Ik kwam er niet van aan, maar ik bereikte wel een stabiele bodem. In de hoop de vicieuze eetcirkel te doorbreken gaan we nu dus over tot het plaatsen van een PRG-sonde. Dat is een slangetje dat via een sneetje door de buikwand in de maag wordt geplaatst.


Zoals je zult begrijpen vind ik die ingreep nogal een ding. Wat je met zo’n zieke geest als die van mij dan vooral niet moet doen, is van tevoren uitgebreid gaan googelen op foto’s en ervaringsverhalen. Zodoende ben ik er nu vast van overtuigd dat mijn slagader wordt aangeprikt. Of dat er een geniepige lekkage ontstaat en er allemaal maaginhoud mijn buikholte insijpelt. Waardoor er uiteindelijk een nog grotere operatie nodig zal zijn om de boel weer op te lappen. Of ze stuiten op een maagzweer. Of een onverteerd Playmobil poppetje.


Wil je me alsjeblieft bij leven iets van je relativerende nuchterheid doneren?


Liefs,

Irène

Geen opmerkingen: