maandag 11 december 2017

Plog 800 - Een goed getal voor goed nieuws!

Plog 800: wat deed ik allemaal van 04 tot en met 10 december 2017?

De week van de waarheid is aangebroken. We zullen snel weten hoe het nu met mijn heupsituatie gesteld is. Het stemt me angstig en verdrietig. Enerzijds kan ik me niet voorstellen dat het foute boel is. Anderzijds bereid ik me op het ergste voor en durf ik niet aan de consequenties te denken die een operatie met zich meebrengen. Deze lieve tekening van Skaty tovert toch nog een glimlach op mijn pipse snoetje. Het zijn de kleine dingen die het doen.

Zelf de was kunnen opvouwen is ook zo'n klein ding waar ik onverwacht veel vreugde uithaal. Wie had dat ooit gedacht?

Sjrd transformeert steeds meer tot een keukenprins. Vanuit mijn rolstoel geef ik instructies. Hij voert ze achter het aanrecht uit. De wazige plaat doet geen recht aan de goede smaak van deze puike pasta.

Dinsdag is D-day 1. Pap en ik kachelen in stilte naar Veldhoven. Precies op tijd melden we ons voor de CT-scan op de radiologie. Ik weet pas kort dat pap op de SEH al eerder van de breuk op de hoogte was dan ik. Hij ving het "toevallig" op. Die wetenschap maakt me nog onzekerder dan ik al ben. Welke signalen heb ik nog meer gemist? Wat is er nog meer voor me achtergehouden? Op deze momenten komt de complotdenker in mij naar boven. En de bidder. Want reken maar dat ik me tot "iets" gewend heb afgelopen nacht. Ik geloof niet in God maar heb gesmeekt om hulp, om een goede uitslag. Baat het niet, schaadt het niet.

Pap zweert dat hij geen signalen over wat dan ook heeft opgevangen of verzwijgt. Gewoon snel betalen en weer naar huis. Nu moet ik het loslaten.

Wat er ook gebeurt, vanavond vieren we Sinterklaas. Fluks aan de inpak dus. Fijne afleiding. 

D'n hoop is echt niet zo groot dit jaar. Toch zijn we allemaal meer dan tevreden als alles is uitgepakt.

Op woensdag wordt er nog een pakketje bezorgd. Mijn op Facebook gewonnen setje thermo-onderkleding van Craft. De ironie.

Donderdag. D-day 2. Al mijn zintuigen staan op scherp. Als de jonge arts de kamer inloopt en ons een hand toesteekt, probeer ik van alles te lezen. Is hij ernstig of opgewekt? Hij heeft in elk geval een lief, open gezicht en doet niet heel formeel. Hij vraagt hoe het gaat en hoe het met de pijn is. "Beter dan twee weken geleden en best uit te houden. Maar hoe was de scan?" antwoord ik. "Goed," zegt hij met een lachje. Van opluchting laat ik mijn hoofd op tafel bonken, pleng wat tranen en grijp nog even dramatisch naar zijn hand. Voor een moment heb ik geen controle meer over mezelf. Toch herpak ik me snel. Samen bekijken we de beelden. Die zien er in mijn ogen niet fraai uit. Ik schrik van wat ik zie. We tellen vijf breuken. Hoe heb ik het in vredesnaam voor elkaar gekregen? De arts is eigenlijk best tevreden met wat hij ziet. Alles is keurig op zijn plek blijven staan en oogt zelfs al een beetje beter dan twee weken geleden. Alsof de losse onderdelen al wat meer op hun plek zijn gezet. Vanzelf. Het zelfhelend vermogen van dit krakkemikkige lijf blijft me verrassen. Hiermee is een operatie definitief van de baan. "Zelfs als we opereren krijgen we het niet netter dan het nu staat," stelt hij me gerust. En dat is maar goed ook want het was een gecompliceerde toestand geworden als het wel had gemoeten. Hij laat nog even doorschemeren dat ik wellicht in de toekomst eerder last kan krijgen van een versleten heup en dat die dan wel vervangen moet worden. "Tja," zeg ik, "de kans dat ik met CF 80 word is sowieso niet zo groot, dus dat zien we tegen die tijd dan wel weer." Mijn relativerende woorden doen hem even verstommen. Daar moet ik een beetje om grinniken. Nu wel ja. De komende vier weken zal mijn wereldje blijven bestaan uit op bed liggen, in de rolstoel zitten en me voortslepen achter mijn looprek. Zonder te douchen, zonder normaal naar de wc te kunnen. Ik heb het er allemaal graag voor over. Hoe oerstom het ongetwijfeld nog gaat zijn.

Omdat de straling van een CT-scan heftiger voor het lijf is dan van een gewone röntgenfoto, wil de arts voordat we weer naar huis gaan nog een setje nieuwe röntgenfoto's van mijn bekken laten maken. Die kan hij dan vergelijken met de foto's die ik over vier weken weer moet laten maken, voorafgaand aan de controleafspraak. Oké. Prima. Doen we. Hoewel ik de afgelopen weken zeker niet ben aangekomen - ik vermoed eerder dat er een kilo of twee af is - lukt het mijn vader prima om me vanuit de meest ongunstige hoek te kieken. Met onderkin en alles. Super!

Thuis. En kapot. Om het goede nieuws te vieren mag het Saar gezellig bij mij op bed. 

Sjrd hangt deze weken van friet, pizza en pekingeend aan elkaar. Dan kan een extra keertje pizza er ook nog wel bij. Want niemand heeft zin om te koken vanavond en het leven is te kort - en breekbaar - voor moeilijk gedoe. Bon appetit!

Mijn eetlust is niet je dat sinds ik in de kreukels lig. Ik verstook niks dus het lijf vraagt, behoudens een op peil zijnde spiegel pijnstilling, ook nergens om. Gek hoe je dan meteen weer in oude gewoontes vervalt. In de tijd dat ik letterlijk niks vrat (het klinkt plastisch maar zo was het echt) was Limburgse vlaai mijn redding. Vandaar dat ik me ook nu wend tot dit beproefde concept. Bovendien is dit Vlaai met een Verhaal. Gisteren, nadat mijn vader en ik naar het ziekenhuis waren geweest, wilde ik nog even langs de bakker. Voor broodjes en iets lekkers. Het leek me zo fijn en best haalbaar bovendien om even mee naar binnen te gaan. Noem het een uitje bakker. De kleine oversteek van parkeerplaats naar ingang bleek echter een monstertocht. Het duurde tergend lang en na 10 meter was ik gesloopt! Voor de terugreis moest dan ook de rolstoel uit de auto worden getakeld. Wat een deceptie. Heel mijn conditie is naar de filistijnen. HUIL.

Slechte conditie of niet. Ik zette zonet wel mooi een PR neer met uit bed kruipen, in de rolstoel klimmen en naar de voordeur sprinten om deze lel van een fruitschaal in ontvangst te nemen! Er wordt van allerlei kanten aan me gedacht en voor me gezorgd. Ik vind dat heel bijzonder.

Sjrd en ik luiden het weekend in met een niet helemaal perfect gelukte risotto uit de oven. Geeft niks. Al doende leren we. Het smaakt er niet minder lekker om. Komt door de liefde die erin zit.

Sinds de goede uitslag van donderdag bereik ik elke dag kleine mijlpalen. Nu het vertrouwen er is dat het goed zit, durf ik vanzelfsprekend meer in actie te komen. Zo lukt het me sinds afgelopen nacht om in mijn eentje naar de po-stoel te schuifelen. Dat scheelt Sjrd alvast een heleboel gemiste uren slaap. Ook kan ik mijn eigen kakkie weggooien. Want laten we eerlijk zijn, je zeult toch gewoon het liefst zelf met je eigen stront. Dat de wc daardoor iets minder proper oogt is ook op te lossen. Vanavond heb ik voor het eerst sinds ik in het ziekenhuis belandde weer een pyjamabroek aan. Goals mensen, keiharde goals.

Op zaterdag zit ik niet helemaal lekker in mijn vel. Ik geloof dat de verwerking van het gebeurde in volle gang is. Ik kan om niets in huilen uitbarsten. Zonet nog, toen ik met mijn rolstoel langs de houten plint schuurde en er een stukje verf aftikte. "We komen hier straks verdomme álles aan het vervangen en opknappen!" snotterde ik tegen Sjrd. Hij gaf me een aai over de bol en besloot tot het ultieme offer: de kerstboom voor me opzetten. Dat is liefde mensen. Liefde in zijn puurste vorm.

Schitterend. Ik heb er geen ander woord voor. 

Ik knutselde intussen nog wat met het letterbord.

Veel mensen drukken ons deze dagen op het hart dat we "Moeten bellen als er iets is hè?" Dat is even lief als onrealistisch. Want er is namelijk altijd wel wát (vaak de toch wat meer impopulaire klussen) en daar gaan wij echt niet voor bellen. We zijn namelijk tussen al het mantelgezorg door vooral toe aan rust in huis, met zo min mogelijk prikkels van buitenaf. Zomaar een appje ontvangen met de vraag of we zin hebben in een vers bereide stamppot. Dan voel je aan hoe je ons kunt helpen. Dankjewel lieve Mrjln. We hebben gesmuld!

Eigenlijk had ik vandaag op het heilige ijs van Thialf in Heerenveen moeten staan, voor de tweede clinic van Skate4Air. Ergens ben ik blij dat we nu in elk geval niet de weg op hoeven. Vanachter het vensterglas is zo'n eerste sneeuwdag best te pruimen.

Zij die nu ruim 24 uur van de Oxycodon af is en daar behoorlijk goed op functioneert, heeft best een bodempje wijn verdiend. Om de laatste antibioticumpil mee weg te spoelen. Proost!

Hej hej.

2 opmerkingen:

Anoniem zei

Dat bordje van camping de Heupkom: geweldig!
hartelijke groet,
Roelien

Neeltje zei

Wat fijn dat er geen operatie nodig is. Verder herken ik het geworstel met gebrek aan moboliteit. Ik wens je in ieder geval heupvolle feestdagen toe en een heel voorspoedig herstel. Met hartelijke groet van mij.