zondag 1 december 2019

Plog 872 - Dieper dan de bodem van de put

Plog 872: Opnieuw een virus, het donkere woud van Zorgen, maar gelukkig ook lichtpuntjes op weg naar beter.

Weet je wat met recht een traktatie is? Een kappertje vatten nadat je in het ziekenhuis hebt gelegen. De schaar erin, kleur erdoor. Heerlijk! Zonder opname kan het ook, tuurlijk. Maar deze sensatie is echt uniek. Ik kan het iedereen aanraden.

Ik kijk reikhalzend uit naar de kerstvakantie. Onze vage plannen om naar Frankrijk te rijden hebben inmiddels plaats gemaakt voor de realiteit. Wij gaan helemaal nergens heen. We blijven gewoon in ons Nederlandse huis, waar de verwarming snort en we alle comfort binnen handbereik hebben. In deze fase van ons leven moeten we het vooral niet moeilijker maken dan hoeft. Om alvast een voorproefje te nemen op de laatste dagen van het jaar buig ik me over een gezellige puzzel van Jan van Haasteren. Met een klein wijntje ja.

Zoals gebruikelijk in Limburg vieren wij Sint Maarten niet op de elfde van de elfde. Dan zijn de meeste mensen hier met heel andere dingen bezig. Meestal wordt gekozen voor de vrijdag vóór de elfde. Als je het eenmaal weet is het niet moeilijk. Zodoende was ik op alles voorbereid, met een schaal vol chocoladereepjes en de buitenlamp uitnodigend brandend. Maar wat denk je? Nog geen blaffende hond belde aan voor een liedje! Zaten we daar, met ons goed fatsoen en een overdaad aan sjlok.

Zie haar liggen, in het zonnige vlakje op het kleed. Die Griekse warmbloedigheid krijg je er niet uit.

Dus. Afgelopen donderdag, na twee weken kuren en met nog één week te gaan, had ik een belafspraak met mijn longarts. Verheugd kon ik melden dat ik me echt op voelde knappen. Het hoesten was beduidend minder, mijn sputum zag niet meer zo gruwelijk groen, heel voorzichtig merkte ik de energie weer wat stromen. Ik vroeg nog hoe het kwam dat ik alweer verkouden was geworden. "Gewoon pech meid, ik ken mensen die een week van het infuus af waren en alweer een nieuw virus oppikten," sprak mijn arts. Op vrijdagochtend werd ik wakker, opende mijn ogen en constateerde dat mijn lijf de daad alvast bij het woord had gevoegd. Gewoon tijdens de kuur. Opnieuw die droge hoest, en snot met koppijn. Weer contact met Utrecht, komende woensdag weer op controle. Houdt het dan nooit op???

Nee. Kon ik me aan het begin van de opname nog vasthouden aan het gegeven dat mijn longfunctie in elk geval stabiel was gebleven, is ook deze zekerheid nu onder mijn voeten weggeslagen. Met pijn en moeite wist ik er een FEV1 van 41% uit te persen. Ik ben terug bij af en dan nog een stapje achteruit. De wanhoop nabij. Mijn arts schrijft een extra week iv-kuur voor en adviseert er een stootkuurtje Prednison bij te nemen. Maar voor die laatste optie pas ik. Het is al te veel allemaal. De bijwerkingen van dat vergif kan ik er nu domweg niet bij hebben. Wel grijp ik thuis naar een iets zwaardere pijnstiller. Mijn torso voelt gekneusd van het hoesten. Tussenribspiertjes? Geïrriteerd longvlies? Paracetamol alleen doet de truc niet meer. Dan deze vrienden maar.

Ik ben intens verdrietig. Teleurgesteld. Bang. Waar gaat dit heen? Sara weet het ook niet maar onderwerpt zich dienstbaar aan mijn voeten als afleidingstactiek. En ze toont me de enige optie die ik heb: de tandjes laten zien en vechten. Maar die symboliek valt me nu pas op, bij het maken van deze plog.

Mijn ouders zorgen waar ze kunnen. En dan nemen ze ook nog bloemen mee.

Zo staan er nooit bloemen, zo krijg je binnen vier dag drie bossen in je handen geduwd. Ontzettend lief.

Ook het Saar gooit alles in de strijd om mijn hartje te verwarmen.

Na vijf ellendige weken van ziek, zwak en totaal ontregeld kunnen we er eindelijk weer eens een avondje op uit samen. Uiteten en naar de film met van tevoren nog een klein rondje door het outlet. Een dappere poging tot een date night. Maar een heel groot succes werd het niet, in alle eerlijkheid. We zijn elkaar een beetje kwijt geraakt in het donkere woud van Zorgen en het is nog niet zo eenvoudig om samen in een rechte lijn naar het licht te lopen.

Als we mijn schoonouders uitlaten na een gezellig borreltje ziet Sara haar kans schoon. Dat bakje garnalen met cocktailsaus rook al de hele tijd zo lekker en nu likt ze het tot de bodem schoon. Goed gedaan vriendin. Ik hoop dat je ervan hebt genoten.

Vorige week las ik op Twitter een tweet over iemand die een borrelplank had besteld. Het water liep me acuut in mijn mond. Vanavond eten we borrelplank. En we praten. Praten, praten, praten. En janken. Het is goed. Fijn. Het doet pijn. Schuurt. Maar al pratend komen we in elk geval weer op een begaanbaar pad uit. Het is onrealistisch om een rechte weg zonder hobbels en kuilen te vinden om uit dit donkere bos te geraken. Maar zolang we elkaar vasthouden en helpen overeind te blijven komen we er wel uit samen. Dat is ons altijd gelukt.

Naar mijn goeroe ben ik alleen drie keer geweest om mijn vastzittende torso wat los te laten masseren. Wat voor hem meer aaien was en voor mij alsnog voelde alsof ik werd gemarteld. Maar sporten of iets in die richting komt er tijdens een iv-kuur niet van. Vandaag loop ik mijn eerste revaliderend rondje naar het postkantoor. Poeh. Ik heb een flinke jas uitgedaan. Gelukkig vond ik in het outlet een winterjas die volgens de verkoopster bij Columbia IJsland-proof is. Inderdaad, lekker jeske.

Vrijdag 22 november is de dag dat ik mijn laatste bolletje antibioticum afkoppelen mag! Mijn piccline blijft op mijn verzoek nog even zitten. Het vertrouwen in mijn tempel, dat te voet kwam en met het paard is vertrokken, is zoek. En ik heb werkelijk geen idee naar welk zonnestelsel die knol met een rotgang heen is gegaloppeerd. Dus laat me eerst maar eens een poosje aansterken, fysiek en mentaal. Die lijn helpt in elk geval het mentale aspect al een beetje. Om mezelf wel het douchefeest te gunnen dat bij het eind van een iv-kuur hoort, sluit ik mijn gehavende armpje hermetisch af met plastic folie en leukoplast.

Een jurkje! Een beha! Nieuwe schoenen! Geföhnd haar! Mascara! Helemaal klaar voor een nieuwe date night met Sjrd, en om het einde van de kuur te vieren. Het feit dat daar geen foto's van zijn zegt misschien wel alles. Het gaat niet altijd om wat je ziet. Wat er is, dat doet ertoe.

Toegegeven. Soms zegt een foto alles. Het helpt inzichtelijk maken. Zie hier het resultaat van drie weken thuisbehandeling met twee soorten antibiotica. 24 Bollen met 6 gram Ceftazidim elk en 24 bolletjes Tobramycine met een dosering van 480 mg per stuk. Een leek zegt het niet zoveel. Een kenner weet dat je hier een olifant mee omlegt. Zeker als je dit in totaal 31 dagen lang in je donder hebt gekregen. Op zich niet gek dat ik na afloop van de kuur helaas een beetje duizelig ben. Een bijwerking van de Tobramycine, en waarvan ik moet afwachten of ik daar nog van afkom. Het kan zijn dat mijn evenwichtsorgaan beschadigd is. De tijd zal het leren.

Mijn onvermoeibare gouden ouders. Alweer sinds de zomer komen ze wekelijks helpen met de poets. Onze vaste hulp is langdurig uitgeschakeld wegens ziekte. Omdat de verwachting er is dat ze ergens volgend jaar wel weer bij ons aan de slag kan, springen mijn ouders tot die tijd bij. Daarnaast verlenen ze hand- en spandiensten als chauffeur, met de boodschappen, op Sara passen, en vandaag maken ze onze tuin winterklaar. Mijn moeder wiedt het onkruid in de voortuin en stopt op de valreep nog wat bollen in de grond. Pap vertroetelt het gras. Dat hij daarvoor eerst een ontzaglijk aantal landmijnen moet ruimen is een smerige bijkomstigheid. Hij mag dan een bedreven explosievenverkenner in ruste zijn, dit klusje is zelfs hem te gortig. Snap ik.

De stap om weer te bloggen was groot. Maar ook zo fijn! Het voelt goed om te delen. Het lucht op. Mijn sores ligt op tafel. Wie wil neemt er een stukje van over. Dat verlicht mijn hoofdlast aanzienlijk. De lieve kaartjes blijven komen.

Die irritante draaierigheid wil maar niet minder worden. Het is zeker niet zo dat ik zwalkend door het huis loop en me overal aan vast moet houden. Maar mijn ogen kunnen slecht focussen als ik mijn blikveld verruim. Dan wordt het licht in mijn hoofd. Autorijden was dan ook niet zo'n succes, bleek toen ik een klein proefrondje door het dorp maakte. Er is niks gebeurd, ik heb geen schade veroorzaakt. Wel weet ik nu dat ik dit voorlopig even niet moet doen. Weer een stukje afhankelijkheid kwijt. Op de parkeerplaats bij de supermarkt viel mijn oog op dit muntstuk van vijf cent. Levert dat geconcentreerd stoepstaren meteen wat op! Ik besloot dat dit mijn geluksmuntje is. Het oogt net zo gehavend als ik me voel. Laat me er maar lekker zweverig heel veel betekenis aan toekennen.

Na zeven weken totale ledigheid moet het er vandaag dan toch van komen: weer aan de slag bij de fysio. Sinds een poosje zie ik de goeroe alleen nog maar op maandag. De donderdag heb ik verruild voor de vrijdag én een andere fysiotherapeut. Omdat het zo uitkwam. Goeroe Mkl dacht dat Cn en ik ook zeker met elkaar overweg zouden kunnen en dat bleek een goede inschatting. Zodoende heeft Cn vandaag de primeur en krijgt hij meteen de andere Irène te zien. Het bange hertje. Klein en kwetsbaar. In tranen van angst voor de confrontatie van wat er over is van al het gedane werk. Dat ook Cn het predicaat goeroe verdient liet hij meteen zien. Lief, rustig, belangstellend, begripvol, opbouwend. Hij voelde exact aan wat ik nodig had. Ik vind dat zo knap. Het werd dan ook een ontzettend fijne training. Ik liep 20 minuten op de loopband in mijn vertrouwde tempo, de leg press lukte op 60 kg in 3 series van 12 herhalingen, we deden een armoefening die beslist niet tegenviel en zelfs een stabiliteitsoefening met de step lukte heel aardig.

's Middags nestelden Saar en ik ons bij mijn ouders thuis. Het is immers 29 november en volgens de traditie van Jan, Jans en de kinderen vieren we dan Sint Pannekoek! Maar eerst spelen mam en ik nagelsalonnetje. Het gaat er nogal knullig aan toe. Ik denk niet dat we dit professioneel moeten willen gaan doen.

Volgens de wetten van het pannenkoekenfeest "Bakt moeder de vrouw een stapel pannekoeken en als de heer des huizes thuiskomt legt iedereen een pannekoek op zijn hoofd en roepen we in koor: Lieve papa wij wensen u een vrolijke en gezegende Sint Pannekoek!" Maar aangezien mijn vader naar eigen zeggen de beste pannenkoekenbakker is, stond hij zelf achter de stoof en had hij echt geen zin om ook nog zo'n vettige schijf gebakken beslag op zijn kale knar te leggen. Toch jammer.

Hej hej.

2 opmerkingen:

schrijfselsvanmij zei

Had ik trouwens al gezegd dat ik het fijn vind dat je weer blogt?

Annemarie zei

sjnotverdomme heftige shit maar toch ook positieve dingen! Als ik iemand echt een goed beter best 2020 wens dan ben jij het. Kus uit tilburg x