maandag 1 maart 2021

Week 8 - Nieuwe beginnen

Het bleek een opmaat, die nieuwe heup van mijn moeder. Voordat ik woensdagmiddag bij haar op ziekenbezoek zou gaan handelde ik aan het eind van de ochtend in tien minuten de kwartaalcontrole met mijn longarts af. Doordat ik nu heuse cijfers kon overleggen viel er ook daadwerkelijk iets te bespreken. Over de uitslag van de thuis geblazen longfunctie waren we allebei tevreden. Geleidelijk ben ik weggekropen bij die enge ondergrens van een jaar geleden. "Jij hebt een mooi metertje gekocht," sprak hij enthousiast. "Waarschijnlijk gaan we vanuit het ziekenhuis ook over op dat model." Een kleine oogrol ontsnapte aan mijn mimiek. "Wat ben ik toch een visionair hè," grinnikte ik maar. We babbelden nog wat over het gedoe rondom de vaccinatiestrategie en met de belofte om in mei echt weer eens naar de poli te komen rondden we de controle af.

Net toen ik de laatste slok thee achterover had gegooid om de resten van mijn lunch mee weg te spoelen rinkelde mijn telefoon. De anonieme beller bleek niemand minder dan mijn huisarts te zijn. Met de mededeling dat er vaccin over was en de vraag of ik me over een half uur op de priklocatie kon melden. "Hè wat, hoe dan?!" bracht ik verward uit. Vorige week was de boodschap nog dat ik echt niet op de spillijst voor AstraZeneca kon en nu dit. Mijn hart schoot in mijn keel en ik hing tegen hyperventilatie aan. "Welk vaccin?" hikte ik half huilend. "Pfizer, en neem je je man ook mee?" was haar kalme reactie. Aanvankelijk dacht ik nog dat ze dat vroeg omdat ik zo over mijn toeren was maar niks bleek minder waar. Ook Sjrd stond op het punt de langverwachte eerste prik toegediend te krijgen! Nadat ik met trillende vingers de verbinding had verbroken begon ik onbedaarlijk te huilen. Alle opgebouwde spanning zocht zich een weg naar buiten. "Och maedje toch," suste Sjrd terwijl hij me in zijn armen nam.

Het ritje naar de priklocatie beleefde ik in een roes. "Ik geloof het pas als hij erin zit," prevelde ik. Ter controle bleef ik mezelf in mijn vel knijpen. Nee dit was geen droom, dit gebeurde echt. Mijn noeste gelobby had zijn vruchten afgeworpen. En zo kwam het dat ik een uur later gevaccineerd en wel bij mijn ouders in de achtertuin zat. We proostten op de heup van mijn moeder en onze volgespoten armen. Voor het meegenomen gebakje was ze helaas nog wat te misselijk, vanwege alle verdovende middelen die de napijn van de operatie moesten bedekken. Het gaf niet. Na een jaar vol pijnlijk gestrompel en verlammende angst staan we op de drempel van een hernieuwd begin.

Het voelt alsof we de Lotto hebben gewonnen. Een vaccin voor ons allebei en dan ook nog van het type mRNA mét een heel hoge beschermingsgraad. Pas als we de tweede prik hebben gehad kan de deur hier eindelijk van het slot. Voorzichtigheid en voorzorgsmaatregelen blijven geboden maar de ergste druk is er vanaf. Dan komt er een einde aan die verstikkende afhankelijkheid van alles en iedereen. Voor Sjrd ontstaat ruimte om weer eens ja te zeggen tegen een fysieke afspraak als dat gewenst is. Uiteraard sta ik net als iedereen te popelen om weer eens in de spiegel van de kapper te kijken. In slecht licht oogt mijn middenscheiding als extra landingsbaan voor Maastricht Aachen Airport. Maar nog liever neem ik plaats in de tandartsstoel om verlost te raken van anderhalf jaar tandsteen. Om over de aankomende controle in het ziekenhuis nog maar te zwijgen.

Voor onze eerste isolatieverjaardag had ik slingers willen ophangen. Het heeft er alle schijn van dat we hem kunnen vieren met het beste cadeau denkbaar: vrijheid! En iets lekkers van de bakker dat ik zelf kan gaan kopen.

maandag 22 februari 2021

Week 7 - Dooi is mooi

Ik heb staan juichen, toen de dooi intrad. Onder de witte pratsj wachtte me een hoop verrassingen. Uiteraard een kilo of wat half gesmolten hondenkak. Maar ook de eerste beginselen van krokussen, tulpen en hyacinten. Verheugd deed ik een drassig inspectierondje door de ganse hof en zag dat de hortensia's achter al in de knop staan, evenals de haagbeuk, de sering en de tulpenboom. Tot mijn opluchting constateerde ik dat onze nieuwe krentenboom de verhuizing naar onze tuin en de strenge vorst overleefd lijkt te hebben.

Dat we in een week tijd van winter naar lente schoten is klimaattechnisch natuurlijk om te janken. Toch heb ik de zonnestralen in dankbaarheid opgeslurpt. Het was alsof mijn hart aan de oplader lag. Ik sluit niet uit dat ik op een goed moment zelf licht heb gegeven. In het weekend nuttigde ik mijn lunch onder het afdakje van onze voordeur. Ik sleepte een eetkamerstoel naar buiten en installeerde mezelf in het luwe nisje met mijn boterhammen en mijn boek. Sjrd maakte het nog bonter. Hij brak met zijn eigen kledingregel. Normaliter wisselt hij pas met Pasen zijn jassen om. Dit jaar liep hij al op 20 februari de hele dag olijk rond in zijn lievelings korte broek. Daarin was hij overigens niet de enige. Het was een uitbundig komen en gaan van bleke blote ledematen hier in de wijk.

We zouden wel gek zijn om met dit weer het huis te soppen, besloten we. In plaats daarvan stortten we ons die eerste winterse lentedag op de tuin en garage. Dat storten nam Sjrd nogal letterlijk. In een poging de garagepoort te openen brak het touwtje af waarmee je het stalen gevaarte omhoog trekt. Met een komische zwieper lanceerde de mens zichzelf achterover. Lag hij daar, op zijn rug, tussen de kratten met statiegeldflessen, het kledingrek en de druppelslangen. Als een soort omgekiepte kever, de armen en benen spartelend in de lucht. Na de aanvankelijke schrik, die - toegegeven - erg kort duurde, barstte ik in onbedaarlijk lachen uit. Hikkend en snikkend hielp ik hem overeind. We hebben er de rest van het weekend plezier om gehad, voornamelijk ik dan toch. Inmiddels staan de tuinstoelen weer om de tafel, liggen de druppelslangen in de perken en hoeft de hangmat alleen nog maar in de standaard gehangen te worden. En op de tuintafel staan bloeiende viooltjes. Wij zijn er klaar voor.

Het weekend vol zonnig jolijt kon niet op een beter moment komen. Op donderdag was het namelijk huilen met de pet op. Een blik in mijn agenda leerde me dat ik op de kop af een jaar geleden mijn neus voor het laatst in het ziekenhuis had laten zien. Enerzijds is dat ronduit fantastisch; een heel pandemisch jaar lang was er geen aanleiding geweest om voor iets acuuts aan de bel te hoeven trekken. Anderzijds illustreert het de trieste situatie waarin we met ons allen leven en mijn kwetsbare positie in dit hele coronafeest. Het is mijn eigen keuze om alle controles telefonisch te doen. Ik weet dat andere CF'ers wel gewoon naar de poli gaan en hun zorgverleners zien. Voor mezelf voelt dat echter niet oké zolang ik niet gevaccineerd ben. Mijn longfunctie is weliswaar stabiel maar ook te broos om risico's mee te lopen. 

Dat werkelijk niemand die over het vaccinatiebeleid gaat deze mening lijkt te delen is op zijn zachtst gezegd frustrerend. Evenals de ontluisterende nieuwsberichten over brutale vaccinvoordringers en kostbare restjes levensreddende druppels die aan het eind van de dag in de kliko verdwijnen in plaats van in een kwetsbare arm. Tijdens de dagelijkse tippel door de wijk kost het me moeite om de grijze golf die per fiets mijn pad kruist en daarbij geen enkele rekening houdt met anderhalvemetermaatregel geen welgemikte douw te geven. Ik moet mezelf dwingen geen lelijke dingen te denken over dikke mensen die zich eigenmondig obees hebben gevreten en nu eerder aan de beurt zijn voor de prik dan ik. Het was wellicht effectiever geweest als mijn cynische ik met chips en chocola op de bank was blijven liggen in plaats van mezelf fysiek af te beulen en spieren kweken. De wetenschap dat gezonde dertigers met een beroep in de zorg wel al aan de beurt zijn geweest gemaakt me groen van jaloezie.

Even had ik al mijn hoop gevestigd op de spillagelijst van de huisarts. Mocht er dan een keer een dosis over zijn, en iedereen in de huidige doelgroep was al aan de beurt geweest. Dán zou ik opgeroepen kunnen worden. Maar ook die droom is verworden tot een nachtmerrie. Jonge, gezonde zestigers eerst. Ik schaam me voor deze weinig sympathieke hersenspinsels. Iedereen heeft het op zijn eigen manier moeilijk met de situatie waarin we leven. We vinden allemaal dat we als eerste iets mogen, willen of moeten. Vooralsnog lukt het me om me naar mijn vredelievende naam te gedragen en ben ik de meeste momenten mijn vrolijke zelf. Dat de heupvervangende operatie van mijn moeder nu echt aanstaande is lijkt me een mooie afsluiter. (Eindnoot van de redactie: hij zit erin!)

maandag 15 februari 2021

Week 6 - Levenslang schaatsverbod

De mensen van wie het bloed sneller gaat stromen naarmate de temperatuur het vriespunt nadert speelden de afgelopen week de hoofdrol in hun eigen sprookje. Wintersport in eigen land. Schaatsen op bevroren meren naast draaiende molens. Besneeuwde bruggetjes over Amsterdamse grachten. Beelden die we alleen nog kennen van de kerstkaarten van Anton Pieck. In onze eigen Jip en Janneke-wijk werd zelfs van een heuveltje geroetsjt met een snowboard. Me dunkt dat ijskoud vermaak een welkome bliksemafleider is na bijna een jaar vol corona-ellende. Zelf behoor ik tot die andere groep: zij die het lijdzaam ondergingen en de wonden van hun gesprongen, gortdroge huid likten. Zuchtend onder wintertenen, statisch haar en elektrische schokjes.

Een paar jaar geleden kocht ik een skibroek bij Lidl. Ik zou met Skate4AIR naar Oostenrijk afreizen om verslag te doen van de Alternatieve Elfstedentocht. Dat plan viel al in duigen nog voordat de Weißensee goed en wel bevroren was. Kou en ik zijn gewoon geen gelukkige combinatie. De broek belandde ongedragen in de kast, gebroederlijk naast mijn bikini. De afgelopen week bracht het kledingstuk dan toch nog zijn geld op. Verkleed als een ware wintersporter wandelde ik door ons besneeuwde pittoreske dorp, dat ik voor de gelegenheid omdoopte tot Sankt Herten. Voorbijgangers kregen een vriendelijk Grüß Gott naar het hoofd terwijl de vraag of zij wisten hoe laat de après-ski begon op mijn kapotte lippen brandde.

De vreugde en het gemak van mijn dagelijkse ommetjes hadden behoorlijk te lijden onder alle zogenaamde sneeuwpret. De stoepen en paden waarover ik doorgaans wandel waren namelijk spekglad. Als je één keer je heupkop op het ijs hebt gebroken laat je het wel uit je hoofd een tweede val op te zoeken. Ik liep de laatste weken regelmatig alleen een rondje, met Saar aan de riem en een vrolijke podcast in mijn oren. Van dat alles kwam onder zoveel winters geweld weinig terecht. En daar werd ik ronduit chagrijnig van. De enige ijselijke activiteit waaraan ik me waagde was het ontdooien van de diepvries. Niet dat daar het gemoed van opknapte, maar hard nodig was het zeker. Welbeschouwd ging alleen de onderste lade nog zonder geweld open. Een halve dag, een hele hypo en een vleeswond later zat ik in een permanente staat van onderkoeling op de bank. Intens tevreden met het resultaat en mijn nieuwe rol van diepvries-ontdooi-influencer. Een foto van mijn activiteiten op de sociale media ontketende een kettingreactie aan mede-ontdooiers.

Wie ook extra in de watten werden gelegd zijn de vogels die onze tuin als hun favoriete all you can eat restaurant hebben gekozen. Onder normale omstandigheden vreten ze zich enthousiast tonnetje rond aan de vetbollen en pindaslingers die her en der beschikbaar zijn. Voor de Siberische gelegenheid bereidde ik een extra snackbord vol vogelpindakaas, zaden, een appel in partjes en walnoten toe. Het stijlvolle geheel zag er ronduit aantrekkelijk uit, vond ik zelf. Vol verwachting installeerde ik me voor het raam en wachtte op wat ongetwijfeld komen ging. Het was me aan een of andere late talkshowtafel beloofd, nota bene. Sindsdien staat het extra buffet er onaangeroerd bij. Zelfs de lompe kauwen, die normaliter vol in de aanval gaan op het huisje met de pot vogelpindakaas, kon deze voorkeursbehandeling niet beroeren. Ik geef het gevleugelde gepeupel nog één dag en anders eten we het zelf wel op, stelletje verwende nesten.

Onze zondagse wandeling maakten we door de zonnige Roermondse binnenstad. Andere jaren zouden we dat wel uit het hoofd laten, tijdens de carnaval. Maar in pandemische tijden gelden andere wetten. Er was aardig wat volk op de been. We zagen plukjes verklede mensen, een heuse Einzelgänger met een versierd karretje wenste iedereen 'unne sjoone vastelaovend'. Het Stationsplein lag er kaal bij, zonder de gebruikelijk hossende menigte. Uit een café schalde vrolijke sjoenkelmuziek door de boxen, aan talloze gevels wapperden de gelegenheidsvlaggen uitnodigend. In de stoepgoten lag bovenop de resten bevroren sneeuw wat serpentine en confetti. Het was ronduit bevreemdend en het had ook wel iets treurigs, zo zonder de geur van geschminkte gezichten en schuimend bier. Toen we weer bijna bij de auto waren viel mijn oog op een wat woeste struik waar onmiskenbaar knoppen in zaten. Een hoopvolle kriebel schoot door mijn buik, het voelde haast als verliefdheid. Een mooier teken had ik me niet kunnen wensen. Uiteindelijk komt alles goed.

maandag 8 februari 2021

Week 5 - Medium Mols

Ik werd wakker van stemmen. Luid en opgetogen trokken ze onder ons slaapkamerraam langs. Bijna twee maanden was het stil geweest toen ik op dit tijdstip uit mezelf ontwaakte. Het voelde gelijk vertrouwd, deze uittocht naar de dorpsschool. Meteen daarna realiseerde ik me welke akelige dentale droom ik achter me had gelaten in mijn slaap. Schriks gleed ik met mijn tong langs mijn gebit voor een inspectieronde. De binnenboel mocht dan onwelriekend geuren naar dode papegaai maar alle tanden zaten stevig op hun plek. Toch nog.

Vind je de weken ook omvliegen? Tijdens de eerste lockdown, alweer bijna een jaar geleden, leek de tijd soms voorbij te kruipen. Maar nu, in het interbellum tussen de tweede en de derde golf, lijkt alles zich met dubbele snelheid te voltrekken. Alsof de tijd zich aanpast aan het tempo van de oprukkende Britse variant. Drie keer met je ogen knipperen en er is weer een week voorbij. Om deze maand wat extra duiding te geven gaf ik me op voor de februari challenge die mijn fysiopraktijk organiseert. Drie keer per week krijgen de deelnemers een leuke opdracht. Zo moesten we al wandelen en planken. Daarnaast werden we uitgedaagd een gezonde smoothie te maken en het recept te delen. De besloten Facebookpagina waarop alle vorderingen in beeld worden gebracht bezorgt me meerdere keren per dag een grote lach. Fanatieke babyboomers in gympakjes op rommelzolders, zwoegend tussen de werkloze koffers en uitgeklapte wasrekken. Foto's van stapels laminaat. De keur aan getoonde vloeibare brouwsels benam me af en toe de adem. Hiermee vergeleken was de beruchte kleibrij van Rens Kroes kinderspel. Alleen al hierom is de challenge een feest. Nog drie weken te gaan.

Omdat de gezondheidsvoordelen van een smoothie zich bij mij uiten in hoge bloedsuikers en verstopte darmen hield ik het bij thee. Ik dacht altijd dat ik daar geen liefhebber van was, totdat ik op de laatste dag van 2020 een beker heet water met een zakje Clipperthee erin geserveerd kreeg. Alsof de hemel zich opende en de engelen me toezongen. Ik hield niet van thee omdat ik blijkbaar nooit de juiste smaak uitzocht. Inmiddels heb ik aandelen Clipper en een nagenoeg vol doosje Chai Green Tea waar ik toch niet zoveel aan vind. Welke theeleutende lezer kan ik hiermee verblijden? Ik stuur de zakjes met liefde naar je op.

Opruimen en ontspullen is ook tijdens deze lockdown onze favoriete bezigheid. Die zakjes thee zijn klein bier in verhouding tot de stapels gelezen boeken waar we deze ronde van af proberen te komen. Het is te veel om allemaal te bewaren en te leuk om zielloos af te voeren naar de kringloop. Zodoende zette ik alles op de foto en maakte advertenties op Marktplaats en Vinted. En ik deelde de hele zwik via mijn Instastories op Instagram. Ook hiervoor geldt: neem een kijkje en reageer als er iets van je gading bij zit!

 
 
En zo worstelt Splinter zich door deze ridicule winter. De aangebroken zak kruidnoten ligt nog steeds in de kast te wachten om opgegeten te worden maar de glazen showpot op het dressoir zit al tot de rand gevuld met chocolade eitjes. Het is een grote blur, dit seizoen in dit pandemische jaar. Gekscherend voorspelde ik afgelopen zomer een horrorwinter met perfecte omstandigheden voor een Elfstedentocht. Zou je net zien, en dat die dan natuurlijk niet door kon gaan vanwege het virus. Ik denk dat ik me toch maar eens bij het UWV ga melden voor een opleiding tot spiritueel consulent. Sneeuwjacht, ijzel, de aanhoudende vorst, en vanmorgen nog die onder dromenduiders bekende uitvallende tandennachtmerrie. Hoeveel voortekenen heeft een mens nodig?

maandag 1 februari 2021

Week 4 - Troostcadeaus

In tegenstelling tot de meeste generatiegenoten gooiden wij al in het prille begin van onze relatie alle financiën op één hoop. Geen gedoe met gescheiden rekeningen en overboekingen naar een gedeelde pot. Geen geneuzel over welke uitgaven met welk pasje betaald moeten worden. We zijn een team en zetten ons daar allebei naar beste kunnen voor in, ieder op zijn eigen manier en naar volle tevredenheid. Toegeven, de charme van elkaar verrassen met een ditje of en datje valt met deze constructie weg. Maar na zeventien jaar onder hetzelfde dak is dat ook niet meer zo heel belangrijk. We kopen toch wel wat we denken nodig te hebben. Daar hoeven we niet mee te wachten tot een door de commercie ingegeven of religie opgelegde dag.

Ons uitgavenpatroon is de laatste jaren nogal veranderd. We zijn steeds meer gaan consuminderen. Dure merkkleding, nieuwe spullen, A-merk boodschappen, exorbitante etentjes. Het is sport geworden om voor minder geld evengoed uiterst comfortabel te leven. De coronacrisis heeft dit proces in een stroomversnelling gebracht. We denken veel langer na voor we tot aanschaf van iets overgaan. En vanuit duurzaamheid schuwen we de optie van tweedehands niet. De ontdekking van de eeuw is het uiterst geringe verschil in smaakbeleving tussen cola van een huismerk en die van Coca. Alles wat maar enigszins van waarde is probeer ik via Marktplaats of Vinted te verkopen. Afgelopen week nog beurde ik twee tientjes voor de kapotte Dyson stofzuiger. De in een nostalgische bui bestelde outfit van Oilily ging per kerende post retour. De vrolijk gekleurde kleren zijn nog even royaal van snit en schreeuwend duur als in de vorige eeuw. Veel blijer werd ik van de kekke en ongedragen Gap-trui die ik voor drie euro op Vinted vond.

We zijn heus niet roomser dan de Paus hoor. Er worden op zijn tijd nog steeds dingen gekocht die geen hoger doel dienen dan plat vermaak of het kanaliseren van emoties. Het grappige is dat we onze wensen aan elkaar zijn gaan pitchen. Zo hield Sjrd laatst een vurig betoog over zijn plan tot de aanschaf van een nieuwe spelcomputer. Een goedkopere Xbox in plaats van een duurdere PlayStation zodat er niet ook nog een nieuwe televisie hoefde te komen. En iets met online spelletjes in plaats van discs wat weer veel duurzamer is. Er was geen speld tussen te krijgen. We genieten allebei ontzettend van dit komische showelement in onze relatie. We gaan er nog net niet voor op een sinaasappelkistje staan.

Het lijdt geen twijfel dat die Xbox er kwam. Al avonden hoor ik huiveringwekkende geluiden van boven komen. Het Japanse spel op het nieuwe kastje zorgt voor een hoop vermaak en ontspanning. En terwijl Sjrd op zolder zat te gamen broedde ik beneden op mijn aanstaande voordracht. Het voortdurende geëmmer over het leed dat vaccineren heet drukte nogal op mijn gemoed de afgelopen week. Heel fijn voor alle ingeënte ultra hoogbejaarden die binnenkort weer vol het leven in kunnen duiken. Zij zullen de druk op de IC's beslist doen afnemen. Dat de groep kwetsbare mensen tussen 18 en 60 jaar intussen door niks of niemand genoemd wordt steekt nogal.

Omdat mijn doelgroepers en ik al tien maanden in sociaal isolement leven wordt ons verhaal niet gehoord aan de talkshowtafels. Er is geen sympathieke arts die onze groep een gezicht geeft. We zijn niet sexy genoeg voor de politiek. Dat het verkiezingstijd is doet daar niks aan af. Voor avondklokrellen en bestormingen met landbouwvoertuigen zijn we te fatsoenlijk. Zelfs patiëntenverenigingen en andere belangenbehartigers hullen zich in een pijnlijk stilzwijgen. Op sociale media probeerden we daarom onze eigen lobby van de grond te krijgen. Onder de hashtags #VergeetOnsNietHugo en #IkStroopMijnMouwOp verschenen talloze post van kwetsbare jonge mensen. Allemaal in dezelfde angstige, afhankelijke wachtschuit. Vooralsnog blijven we stelselmatig genegeerd. Niemand springt voor ons in de bres en het levensreddende antigif verdwijnt voor onze neus. Dat vind ik nog verdrietiger dan het gebrek aan perspectief. Degenen met de kortste adem worden gedwongen de langste te hebben. 

Me dunkt dat ik een mooi ringetje verdiende. Een vintage exemplaar, met fonkelende diamantjes en een blinkende saffier. Als ik de vrolijke zwevers mag geloven zullen de krachten van de blauwe edelsteen me bijstaan tijdens het wachten op de prik en mijn angsten en frustraties doen verlichten. Zelf geloof ik meer in het principe van jezelf kietelen omdat een ander het niet doet. De pitch werd onder luid applaus ontvangen en mijn inner Prinses Diana juichte ingetogen toen ik het kleinood om mijn vinger schoof.

Januari hebben we weer gehad. Op naar de elfde maand in isolatie.

maandag 25 januari 2021

Week 3 - Winters warm

Ineens zat 'ie er. Recht in het midden, onder mijn onderlip. Zo’n beetje op de plek waar nineties kids zich in het vorige decennium lieten piercen. In plaats van zo’n metalen knopje aan een staafje zag ik een glimmend rode verdikking, die van binnenuit licht klopte. Hij stond op het punt zijn witte kopje door mijn opperhuid naar boven te wringen. Als een volwassen tand die zich door het jonge kaakvlees boort. Taxerend liet ik mijn vinger over de pijnlijke plek glijden. Het had er alle schijn van dat dit exemplaar solliciteerde naar een eigen burgerservicenummer. Mijn hele kin oogt de laatste week wat puberaal. Mee-eters, droge velletjes, kleine pukkels. Het lijkt bijkans een postcodegebied op zich. Is het de winterdroogte? Zijn het muitende hormonen? Lijd ik aan coronastress?

Dat laatste zal het geval niet zijn. Ik had een goede week. Om te beginnen is het merkbaar langer licht. De lampen kunnen later aan en het zonnetje geeft zo nu en dan al een kleine hint richting het voorjaar. Tijdens de inauguratie van Joe Biden en Kamela Harris plengde ik zowaar enkele tranen van vreugde en ontroering. Het voelde alsof na een vier jaar durende winter vol kille ontberingen eindelijk de lente gloort. Bernie Sanders zal zijn wollen wanten binnenkort uit kunnen trekken.

Persoonlijk had ik weinig last van kou. Ik beweeg me haast dagelijks een verhit hoofd en natte oksels. Dat doe ik sinds een poosje op zolder. Die ruimte was al multifunctioneel maar dient naast bibliotheek, game room, washok, mediatheek en opslagruimte nu ook als sportzaal. Het hele arsenaal aan gewichtige ijzerwaren sjouwde ik twee trappen op. Dat was al een work-out op zich. Nu ik eindelijk de lol van het sporten op waarde weet te schatten deed ik mezelf een heuse halterstang met losse schijven cadeau. En ik moet zeggen; it really tied the room together.

Niet minder dan drie avonden waren gevuld geweest met online bijeenkomsten. Daar had een avondklok niets aan afgedaan. Vrijdag kende voor mij maar liefst vier sportmomenten en legde ik vijftien kilometer af voor het goede doel. Dat deed ik niet alleen te voet: ik ben er zelfs voor op de hometrainer geklommen. Als je me echt kent weet je wat voor unicum dit is. Maar ja, ook door de geplande schaatsevenementen van Skate4AIR moest helaas een dikke coronastreep. Om D-Day niet onopgemerkt voorbij te laten gaan werd er een alternatief georganiseerd: in je eigen omgeving bewegen voor CF tot het niet meer nodig is. Elke afgelegde kilometer was een euro waard. Niet minder dan 730 deelnemers legden in totaal bijna 26.000 kilometer af en hengelden daarnaast nog eens ruim 40.000 euro aan extra donaties binnen voor wetenschappelijk onderzoek naar genezing van onze taaie vijand. Hoe hartverwarmend kan iets zijn?

Het weekend werd begrijpelijkerwijs aangewend voor uitrusten. Ontspannen deed ik met het bakken van brownies en het inkloppen van de het laatste btw-kwartaal van vorig jaar. Ook nam ik de tijd voor een vochtinbrengend gezichtsmasker. Vanachter het raam genoot ik van hoe anderen buiten genoten van alweer een laagje sneeuw. Ik las intussen een boek. Mijn derde alweer dit jaar. De uitgebreide natte poets hebben we onszelf geschonken. Ik goochelde wat met Chlorix doekjes en de fles Wc-eend en Sjrd trok rap de stofzuiger van beneden naar boven door de hut. Soms volstaat een zes ook. Op zolder aangekomen ontplofte de Dyson; de motor had na vijf jaar de geest gegeven. Nu die Vesuvius in mijn gezicht nog...

maandag 18 januari 2021

Week 2 - Veel gevallen

Er viel werkelijk van alles de afgelopen week.

Zo ontdekte ik tot mijn verbazing een indrukwekkend hoopje muizenkeutels in de garage. De kakkende knager in kwestie had ze uit het kontje laten vallen op de plek waar tot voor kort het vogelvoer voor het grijpen lag. Na de eerste twee schranspartijen had ik alle vetbollen en zakjes zaad toch maar in een keukenkastje in huis opgeborgen. Alleen de glazen potten met pindakaas en een afgesloten plastic doos vol zaadjes stonden nog op de bewuste plank. Knappe muis die zich daar doorheen weet te knabbelen. Het kan niet anders dat het pissige muisje de boel van puur gif nog eens onder scheet.

Ook viel er sneeuw. Daar had ik niet per se voor naar buiten hoeven kijken. Iedereen met een camera en een willekeurig social mediakanaal deed er zaterdag enthousiast verslag van. Hier in de tuin lag pas ver in de avond ook een dun laagje. Ik werd er niet warm of koud van. Het verklaarde in elk geval de sneeuwhoofdpijn die me al een paar dagen had geplaagd.

De grootste val was natuurlijk die van het kabinet. Rutte III heeft de eindstreep net niet gehaald. Het schandaal van de toeslagenaffaire was te onmogelijk krom om recht te lullen. Er is ons beloofd dat a) het hele toeslagensysteem op de schop gaat en b) de bestrijding van de coronacrisis er niet onder te lijden heeft. Ik probeer daar allemaal niet te cynisch over te zijn.

In de categorie overig klein leed vond ik mezelf afgelopen dinsdagmorgen op mijn knieën op de keukenvloer terug. Met het inruimen van de boodschappen had ik vrij onhandig de weckpot met koffiebonen op de tegelvoer gekeild. Hij had nokvol gezeten en nu lag de ganse inhoud wijdverspreid door de keuken. Ambachtelijk en met het geduld van een engel sorteerde ik de ontsnapte bonen stuk voor stuk tussen de glassplinters vandaan. De koffie smaakte niet extra scherp dus ik denk dat we er niks aan over hebben gehouden. Hopelijk geldt dat ook voor de koffiemachine.

Op 2 januari - sowieso een dag te laat - downloadde ik een app waarmee je elk dag een seconde van je leven kunt filmen. Aan het eind van het jaar had je dan maar mooi je eigen korte speelfilm gemaakt. Nadat ik drie dagen op rij was vergeten een onbenullig shot op te nemen verwijderde ik het programmaatje weer van mijn telefoon. Dit was niet aan mij besteed.

Dat geldt ook voor de plank challenge waar ik vol goede moed aan was begonnen. Ik kreeg het maar niet in mijn systeem om alle januaridagen in die ongemakkelijke rothouding te gaan liggen. Een blokjesbuik is met mijn anatomie per definitie een utopie. Zelfkennis boven buikspieren. 

Aan dry january zijn we hier in huis niet eens begonnen dus door die mand kunnen we niet vallen. We schroefden ons beider alcoholconsumptie al veel eerder drastisch terug. Het enkele weekendwijntje dat nu gedronken wordt is een klein geluk in een kristallen glas.

Tot slot een tip van huishoudelijk orde. Ik ben gestopt met het schillen van de aardappels. Gewoon goed afwassen onder de kraan, in stukken snijden en hup de pan of oven in. Het scheelt tijd, bloederige snijwonden en onnodige verspilling van voedzaam eten. Dat ze dat in de tijd van Rembrandt niet al konden bedenken.

De tere zielen wens ik sterkte met Blue Monday. Als je bedenkt dat het net zo'n commercieel verzinsel is als Valentijnsdag valt het allemaal wel mee. De aanstaande avondklok die ons boven het hoofd hangt drukt wellicht zwaarder op het gemoed. Zie je, het kan altijd erger.

maandag 11 januari 2021

Week 1 - Positieve progressie

Drie keer met je ogen knipperen en de eerste volle week van het nieuwe jaar is alweer om. Hoe dan?

Ook in Nederland zijn we dan eindelijk met het grote vaccinatiefeest van start gegaan. Er was (en is) een hoop gedoe over de gekozen vaccinatiestrategie. Iedere subgroep vindt dat hij met voorrang geprikt moet worden. Zelfs de topsporters staan in de startblokken voor hun versnelde Olympische prik. Maar zoals dat in ons polderlandje gaat moet je zonder goede lobby gewoon achter in de rij aansluiten. Voor mezelf lobbyde ik in elk geval alvast bij de huisarts. Even bellen, zorgen dat je naam vers in het geheugen ligt en je dossier bovenop de stapel.

Terwijl iedereen dacht dat het na vorig jaar niet veel gekker kon was er al op dag zes van het nieuwe jaar de idiote bestorming van het Capitool. Ik ook zat vol verbazing, angst en afschuw met open mond naar CNN te kijken. Hoe moet het ooit nog goed komen in het het verscheurde land van de vrijen en het thuis van de dapperen?

Hier thuis verschilde week 1 weinig van de voorgaande 53. In het kantoor was het weer gewoon alle hens aan dek. De telefoon stond roodgloeiend, de internetprovider draaide overuren en er werd koortsachtig gesproken over doorwerken in het weekend. Ik reeg mijn dagen intussen ordentelijk aan elkaar met fanatiek online sporten, rondjes wandelen, wat televisieprogramma's terugkijken, lezen, lekker koken en Netflixen. De gebruikelijk poets vond plaats op zaterdag. En na de gedane arbeid trakteerden we onszelf tijdens de uitlaatronde op een bosje tulpen dat in het overdekte stalletje naast de bloemenwinkel wordt verkocht.

Op zondag trokken we er met Cn en Frdrk op uit. We reden naar Ohé en Laak voor een aangeklede winterwandeling bij de Oude Maas. Samen met te veel andere weekendwandelaars, bleek op de parking. Met in de ene hand vlaai voor onderweg en in de andere een stuk of wat geplastificeerde vellen vol foto's gingen we druk kletsend op pad. In tweetallen, op gepaste afstand. Al bij de zesde foto waren we het spoor bijster en besloten we het puzzelconcept van de wandeling los te laten. We verzonnen zelf wel een route door de toter en de pratsj. Omdat het een Echt Uitje Met Andere Mensen was had ik zelfs een beha en mijn spijkerbroek aangetrokken. En rondom mijn ogen zat zowel eyeliner als mascara. Dat laatste goedje gebruik ik tegenwoordig dagelijks. Terugkijkend op de beelden van 2020 ontdekte ik dat ik op het punt ben gekomen dat mijn hoofd eigenlijk niet meer zonder kan. Daar zou je om kunnen treuren. Ik heb besloten het te zien als positieve progressie.

De ontwikkeling van de gemuteerde virusvariant in Engeland baart me grote zorgen. Met opgemaakte doch lede ogen zie ik het nieuws in de landen om ons heen. Ervan wakker liggen doe ik gelukkig niet, dat is even zinloos als het Capitool bestormen. Het heeft er alle schijn van dat onze premier aanstaande dinsdag met een wijs besluit komt en de huidige lockdown verlengt. Hoe zeer mijn hart ook huilt voor alle getroffen ondernemers, thuisscholende kinderen en met baan en onderwijs jonglerende ouders. Maar het kan niet anders. Code zwart dreigt. Daarmee is alles gezegd.

Om de week vrolijk af te sluiten geef ik je de nieuwste pandemie parodie van de getalenteerde Brit Sam Chaplin.

 

donderdag 31 december 2020

2020

Het jaar is om. Het boek 2020 kan dicht. Aan terugblikken op dat wat was heb ik weinig behoefte. Het was goed want het was er. Moest er blijkbaar zijn. Liever kijk ik vooruit, naar het hoopvolle jaar dat op het punt staat zich aan te dienen.

Ik smacht naar een vaccin. Er zijn dagen dat ik er een nier voor zou willen geven. Het verlangen naar meer bewegingsvrijheid is zo groot. Steeds vaker voel ik me een gekooide hamster in een looprad. Toch blijf ik hollen. Met elke pas die ik zet komt ook Kaftrio een stapje dichterbij. Reikhalzend tuur ik door de spijlen naar de horizon. Wat zal er eerder zijn: de prik of de pil?

 
Voor het nieuwe jaar wens ik je veel vrolijke vrijheid en onbezorgde veiligheid.
Dat 2021 dubbel geeft wat 2020 nam.
 
Hang de slingers.
Gooi je haar.
Geniet vol teugen.
Drink de nacht.
Lach je tanden.
Heb oneindig lief.
Dans de sterren.
Zing je longen.
En blijf gezond!

donderdag 24 december 2020

Haardvuur

Het is schrapen, deze laatste werkweek van het jaar. In het thuiskantoor worden de losse boekhoudkundige einden aan elkaar geknopt. Tussendoor dienen zich nog enkele spoedjes aan die voor het kerstreces afgehamerd moeten worden. Het bellen met en zonder beeld gaat onverminderd door. Van rustig uitbollen naar kerstavond is beslist gaan sprake.

Ook ik loop meer op mijn tandvlees dan je wellicht bij een professioneel arbeidsongeschikt verklaarde zou verwachten. Niettemin moet het allemaal uit mijn tenen komen de afgelopen dagen. Hoewel ik er nog steeds van geniet kost het sporten en bewegen me moeite. Na de dagelijkse work-out en middagwandeling stort ik me in mijn luie stoel. Mijn getrainde reet trekt zich als een zuignap vacuüm aan de zitting en het enige wat ik doe is apathisch op mijn telefoon tokkelen. Ik ben domweg te moe om naar Netflix te kijken.

Enerzijds voelt 2020 als een langgerekte vakantie waarvan je onmogelijk vermoeid kunt zijn geraakt. Anderzijds ken ik geen ander jaar waarin ik zo trouw en stringent mijn gezondheidsgerelateerde handelingen verrichtte. Mijn conditie is top, ik kweekte voor het blote oog zichtbare spierontwikkeling in armen, rug en benen. En de overgebleven energie kon in het zelf schoonhouden van ons huis. Me dunkt dat ik snak naar wat dagen functioneren in een versnelling of twee lager.

Het liefst hadden we de laatste week van dit memorabele jaar doorgebracht in ons Franse stulpje. Met de auto vol proviand en de plastuit voor bermplasjes in de hand, om elk risico op wat dan ook te voorkomen. Met wandelingen door uitgestorven dorpjes en wijntjes bij de knetterende open haard. En een gegarandeerd vuurwerkvrij oud en nieuw. Na lang twijfelen en met pijn in het hart hakten we de knoop door: we doen het toch niet. De naald van het morele kompas dwong ons in de lage landen te blijven. Het is een te grote mondiale bende momenteel. Met het muterende virus, plus de bijkomende chaos van de Brexit. Ook al zijn de besmettingscijfers daar lager dan hier. Ook al is de lucht daar schoner dan hier. Ook al snakken we naar afschakelen in een andere omgeving. Solidariteit valt of staat bij de saamhorigheid van mensen. Als we ooit nog van dit kutvirus af willen moeten we bereid zijn samen de consequenties van de harde lockdown te dragen.

Vandaag stoempen we nog één dagje door. De laatste facturen gaan de deur uit. Nog een laatste rondje online gymmen met de meiden. En vanavond ploffen we tevreden op de bank met uitzicht op een via Netflix brandende haard. De ijskast is rijkelijk gevuld, de drankvoorraad meer dan op peil. Kerstdiners met een saus van geforceerde gezelligheid blijven ons bespaard. Het zou zomaar kunnen dat we morgen door de McDrive rijden voor een ordinaire vette bek. Zolang we maar wegblijven uit de teststraat.

maandag 21 december 2020

Volbracht

Het zit erop! Ik heb mijn Wandel Challenge voor Move4AIR volbracht.

Op vrijdag 27 november jl. startte ik virtueel in Leeuwarden en op zondag 20 december kwam ik juichend in Bolsward over de eindstreep. Van de 35 dagen durende Winter Flow had ik er maar 24 nodig om de 100 kilometer tellende Helftstedentocht te wandelen. In de loop van de avond viel mijn digitale medaille in de brievenbus. Tot mijn eigen verrassing was ik daar oprecht blij mee. Ik bedoel, het is maar een afbeelding waar mijn naam aan toegevoegd is. Maar het symboliseert iets veel groters. Het bewijst dat ik daadwerkelijk heb afgemaakt waaraan ik begonnen ben. Net als alle andere deelnemers. Ik ben gewoon onderdeel van de groep. Voor de verandering eens geen uitzondering. Geen Sjaak Afhaak vanwege een blessure of ander ongemak. Zelfs op mijn 41se hecht ik daar blijkbaar nog steeds veel waarde aan. Het was een 100 kilometer lang pad naar loutering.

De meeste meters maakte ik met Sjrd en Sara aan mijn zijde. Enkele langere weekendwandelingen deed ik in gezelschap van vrienden. Ook mijn moeder liep een paar keer mee. De laatste wandeling maakte ik in mijn eentje. Dat kwam door de hypo die roet in het eten gooide tijdens de beoogde laatste loop. Met nog maar één kilometer te gaan maar het lage bloedsuikerzweet uit al mijn poriën gutsend kon ik niet anders dan voortijdig afbuigen naar huis. Wat dat aangaat was deze hele Challenge een blaartrekkend proces. De meeste wandelingen gingen namelijk gepaard met een dramatisch lage suikerspiegel. Het was wellicht geloofwaardiger geweest om voor het Diabetesfonds te lopen. Maar juist door CF is ook de functie van mijn alvleesklier naadje dus uiteindelijk wandelde ik wel degelijk voor het juiste goede doel.

Terwijl de lasagne in de oven lekker stond te worden trok ik opnieuw mijn schoenen aan voor de publieksronde door de wijk. De mensen achter de ramen hadden natuurlijk geen idee. Ze keken naar een scherm of zaten aan tafel. Grijnzend stoof ik langs alle kerstverlichte ramen. Uit mijn jaszak klonk muziek. Keane speelde mijn lievelingsliedje On The Road. "And when the world's laying you low, don't you let it rattle your bones. Sometimes the dream itself can keep you safe all along the road"

De finish van mijn streefbedrag komt ook in zicht. Om aan de gehoopte €1.500 voor onderzoek naar de genezing van taaislijmziekte te komen heb ik nog 'maar' 165 euro nodig. Felicitaties in de vorm van een kleine donatie zijn dus altijd welkom. Als je iets wil donoren kan dat nog tot 8 januari door te klikken op: https://www.move4air.nl/actie/irene-mols.

vrijdag 18 december 2020

Moed

Als de moed je

in de schoenen zakt

Laat je voeten

je dan dragen

Naar daar waar je

om hulp kunt vragen

Tot jij je weer herpakt

 

En heb je moed

om uit te delen

Deel die dan mild,

en zonder maar

Vaak helpt al slechts

een klein gebaar

Dat zegt

'Het kan mij schelen'


#dagdicht van Esdor van Elten via Twitter

donderdag 17 december 2020

Opgesplitst

Het was een van die zeldzame dagen dit jaar dat we niet permanent in elkaars nabijheid verkeerden. Hij vertrok na de lunch richting Eindhoven, voor een boswandeling met zijn zakenpartner. Het moet eind februari zijn geweest dat ze elkaar voor het laatst in het echt zagen. Natuurlijk wordt er volop gebeld en gevideo-overlegd. Maar een fysiek samenzijn op de drempel van dit historische jaar was toch wel fijn.

Ik maakte samen met mijn moeder een aardige ronde langs de uiterwaarden van het dorp. Op het gemakje wat keuvelen en rondkijken. Even stoppen om van het uitzicht te genieten, het dorpskapelletje bewonderen, een warm hartje halen bij de grote kerststal tegenover het café aan het water. Dat ze Sara - die nogal eens trekt aan de riem - niet meer vast wilde houden was tekenend. Haar neus zit inmiddels vol ontstekingswerende crème en in haar online patiëntendossier staat de halve ziekenhuisapotheek opgesomd. We hebben echt goede hoop dat het nu niet meer afgebeld wordt en dit ons laatste loopje met haar versleten heup was.

Aan het eind van de middag hoorde ik de sleutel in de voordeur gestoken worden. Een geluid uit een vorig leven. Niet veel later stapte de mens de kamer in. We begroetten elkaar alsof hij een hele dag van huis was geweest. Dat hij als altijd - ook gewoon tijdens de keiharde lockdown - in de file op de A2 had gestaan versterkte dat gevoel. Er viel maar één conclusie te trekken: wij hebben de isolatie nog lang niet uitgespeeld.

Nagekomen bericht: de operatie is alsnog opnieuw uitgesteld. Mijn moeder krijgt pas in 2021 een nieuw heup. Aan alle asociale kutlullen die dit mede mogelijk maakten: bedankt.

woensdag 16 december 2020

Deugmensen

Ik had even stevig de pee in, toen het hoge woord van de harde lockdown er eenmaal uit was. Een blind paard had het aan zien komen. En wat mij betreft was de noodrem al weken eerder door het kabinet aangetrokken. In wezen verandert er nu niks voor me. Ik zit al negen maanden lang braaf in mijn bubbel. Boodschappen, sporten, communiceren; alles gebeurt online. De verwachting is dat mijn leven er nog een poos langer dan vijf weken zo blijft uitzien. Pas als ik de felbegeerde vaccins te pakken heb durf ik behoedzaam en gematigd de eerste schreden in de bewoonde wereld te zetten.

Toch voelde het ook voor mij een moment tamelijk uitzichtloos allemaal. Alsof we weer helemaal terug bij af zijn. Met gelukkig meer kennis van zaken over de behandeling van het virus maar ook zonder de urgentie van de acute paniek waarmee we in het voorjaar werden overspoeld. Je merkt dat bij veel mensen de rek eruit is. Ik snap dat maar ik heb er geen begrip voor. Waarom is het zo moeilijk om je aan de basisregels van dit tijdelijke normaal te houden? Werk vanuit huis, blijf thuis bij klachten en laat je testen, houd afstand tot anderen, draag je mondmasker en was je handen stuk.

De laatste weken zagen de winkelstraten zwart van de mensen. Alsof er niks aan de hand was ploeterden ze zich door de Koopgoot en het outlet. Dat de besmettingscijfers in rap tempo opliepen maakte klaarblijkelijk weinig indruk. Die kaars bij Rituals kon niet wachten. Hoe kun je zo egoïstisch handelen in de wetenschap dat de zorg overstroomt? Dat het al uitgeputte zorgpersoneel geen verlof mag opnemen met de feestdagen. Dat de reguliere zorg opnieuw wordt afgeschaald en operaties moeten worden uitgesteld. Hoe durf je?

Na de persconferentie stapten we de auto in voor een korte noodzakelijke rit. Via marktplaats tikte ik een tweede broodbakmachine op de kop. Voor ons verblijf in Frankrijk. Opdat we ook daar zo zelfstandig mogelijk ons geïsoleerde leven kunnen voortzetten, als we er weer naar toe kunnen. In het donker slingerden we ons een weg door de bloemkoolwijk. Met een uitbundig "Kom binnen!" werd ik begroet bij de voordeur van de verkoopster. De paniek in mijn ogen moet doorgeklonken hebben in mijn stem. "Nee hoor, zet de doos maar neer dan pak ik hem zelf op," reageerde ik kordaat. Snel trok ik het bankbiljet uit mijn jaszak en stak het haar toe. "Dat hoeft niet," sprak de dame warm, "je mag hem zo meenemen."

Het was een klein gebaar met een grote impact. In pandemische tijden als deze twijfel ik vaak aan de goedheid van de mens. Volgens het boek van Rutger Bregman deugen alle mensen. Sjrd en ik gebruiken deze quote louter spottend. We zien te veel voorbeelden die het tegendeel bewijzen. Een uur geleden bijvoorbeeld nog, met het lawaaiprotest bij het torentje van de minister president. Wat een beschamende vertoning van een stel dwaasbananen was dat. Deze onverwachte random act of kindness, op dit moment, gaf me een sprankje hoop. Niet alle mensen deugen maar de meeste gelukkig wel.

dinsdag 15 december 2020

Kopzorgen

Op de valreep van het jaar had mijn kapster nog een gaatje voor ons. Vanwege haar verkoudheid was de afspraak al twee keer afgezegd. Sinds de eerste lockdown - toen Rutte nog blind voer op het vertrouwen in ons aller intelligentie - was onderhoud aan de kopstruik een luxe artikel geworden hier in huis. In respectievelijk januari en februari hadden Sjrd en ik voor het laatst in de kappersstoel gezeten. Halverwege juni werden onze hoofden pas weer professioneel onder handen genomen. Bij ons achterom. De kapster kwam speciaal voor ons op tuinbezoek.

In de tussentijd hadden we moedig zelf aangemodderd. Ik deed een dappere poging op Sjrds hoofd met de online aangeschafte tondeuse. Het werd een lachwekkende coupe ravage; alsof de ratten eraan hadden gezeten. Hij sauste op zijn beurt al gruwelend een bakje kleurspoeling door mijn haar. Maar doordat ik de duidelijke instructies van de kapster toch niet goed opvolgde had de verf niet gepakt en was alles voor niks geweest. Dat we haar komst opluisterden met confetti en serpentines zal geen verrassing zijn.

Drie keer kwam ze dit jaar aan huis, afgelopen vrijdag voor het laatst. Bij de gratie van een medisch mondmasker en een face shield voor haar gezicht mocht ze binnenkomen. Het raam stond wagenwijd open en koffie kon ik haar niet aanbieden. Als een haas fatsoeneerde ze Sjrds manen en tamponneerde daarna een chemische substantie door mijn pruik. Met de vage hoofduitslag waar ik al een paar weken mee kamp moest ik echt even langs de huisarts, vond ze. Ik vind dat dat maar even moet wachten. Het is vanzelf ontstaan dus ik wacht geduldig tot het weer weg is. Of ik kaal ben.

Met de realiteit van de harde lockdown hebben we helemaal geboft met haar meest recente huisbezoek. Dat de kapsalon vanaf vandaag voor minstens vijf weken dicht moet vind ik ontzettend zuur. Evenals de schoonheidssalon van Lnd waar ik graag kom. Ik weet hoe goed zij de zaken voor elkaar heeft. Afgelopen lente en zomer harste zij mijn benen gewoon in Salon Achteromos, op het ligbed in haar tuin. Omdat ook zij een local is die ik graag wil supporten vroeg ik om een betaalverzoekje voor een fictieve waxbehandeling. Dat mijn beenhaar evenredig hard mag groeien als haar schoorsteen doorrookt. We moeten elkaar helpen waar we kunnen.

Gistermiddag, tijdens onze miljoenste isolatieloop, kwam de huisarts voorbij gehold. Ik herkende hem eerst niet, in zijn hoodie en met een bloot gezicht. Toen hij laatst hier was om de griepprik te zetten droeg hij een modieuze mondkap en een jas vol injectienaalden. Grijnzend groette ik hem. Om mezelf vervolgens voor mijn hoofd te slaan. Dit was een gouden kans geweest. Of is het not done om iemand tijdens zijn hardlooprondje met milde kopschurft te confronteren?

maandag 14 december 2020

Enkelsokjes

Het was druk in het bos. Op het parkeerterrein waren nog maar een paar vakken vrij. Rondom de gesloten horecazaak was volop leven. Vuurkorven verspreidden warmte en rooklucht. In het provisorische kraampje verkocht iemand alsnog koek en zopie. Terwijl ik me in mijn nieuwe wandelschoenen werkte was Sjrd druk met Sara. Zij zit tegenwoordig in een bench als we haar meenemen met de auto. Haar enthousiasme voor het kooitje moet nog wat groeien. Zodra we richting de auto lopen schiet het staartje strak tegen haar buik en werpt ze zichzelf vol in de ankers. Erna volgt een korte worsteling waarbij ze haar voorpoten strijdlustig in spreidstand vouwt. De blik in haar getraliede ogen na de overgave spreekt boekdelen.

Met gestrikte veters nam ik even later poolshoogte bij de kofferbak. Was eruit springen nu ook al een probleem geworden of waarom duurde het zo lang met man en hond? Het antwoord bleek grijs en Duitssprekend. Veel te dicht binnen het aura van onze auto stond een bejaarde dame met Nordic Walking stokken tegen Sjrd aan te tetteren. Of eigenlijk tegen Sara. Was ein schöner Hund sie ist und wie alt und wie sie heißt. Daarna kwam een lezing over haar eigen roedel. Er was zelfs een hond geweest die de onwaarschijnlijke leeftijd van 19 jaar bereikt zou hebben. Ja ja, kon ik niet nalaten te denken, en in Duitsland is de mist zo dik daar kun je de fiets tegenaan zetten. Na nog eine schöne Weihnachten und bleibe gesund! vervolgde ze eindelijk haar weg. Ze hielp de gezondheid van de mensheid het meest door voorlopig binnen haar eigen landsgrenzen de wandelstokken ter hand te nemen, knoterde ik. Precies zoals Mutti Merkel het wil.

Met in de rugzak appels en wat drinken gingen we op pad. We kozen de route van de paarse paaltjes. Getuige de slingerende sliert voor en achter ons waren we niet de enige weekendwandelaars. Het was meer een kwestie van ruggen volgen dan paarse paaltjes zoeken. En gesprekjes afluisteren.

Ze droeg een dikke jas. Om haar nek zat een lange sjaal gewikkeld. Haar vingers waren gehuld in handschoentjes. Ze blies rookwolkjes mee naar buiten toen ze zich beklaagde over de kou. Ze ging een nog warmere winterjas aanschaffen. De oplossing lag echter aan haar voeten. Het wicht droeg namelijk enkelsokjes. De meteorologische winter had minstens 10 cm vrij spel aan blote beenhuid. Daar is geen ijsberenbont tegenop gewassen. Dat ze een hekel had aan insecten was het laatste dat ik opving.

Als zelfs de millennials al naar het bos komen, dan wordt het tijd voor stevige maatregelen.

vrijdag 11 december 2020

Top 2000

Met het einde van het jaar komen de lijstjes. De beste dit, de stomste dat. Zij die ons het afgelopen jaar ontvielen. 2020 Kent voornamelijk huiveringwekkende staten. De dagelijks besmettingsaantallen zijn torenhoog. Het wil de mensen maar niet lukken om van de paradijselijke appel af te blijven. De winkelstraten lokken harder dan de Bijbelse slang uit het sprookje. En zo zijn de gescoorde koopjes tijdens Black Friday alsnog duurbetaald.

Maar de vaccins komen eraan, die Amerikaanse oranje reuzenbaby moet zijn koffers pakken en de reisbeperking in Frankrijk is vanaf volgende week van de baan. En gelukkig is er altijd muziek. Mijn lijstje voor de Top 2000 bestaat dit jaar uit liedjes die me blij maken, hoop geven, geruststellen, ontroeren, laten dansen en luidkeels mee doen blèren. Zoals elk jaar vanuit ons eigen Top 2000 Café. Altijd was er muziek. Muziek zal er altijd zijn.




donderdag 10 december 2020

Halverwege

We zijn inmiddels twee weken onderweg met de Winter Flow van Move4AIR. Ook mijn eigen Helftsteden Wandel Challenge vordert gestaag. Al na twaalf dagen wandelen passeerde ik de 50 kilometergrens. Daarmee ben ik zomaar over de helft van mijn uitdaging! Dat twee van de zeven deelnemende wandelaars zelfs al gefinisht zijn is voor mij niet belangrijk. Ieder loopt zijn eigen race. Ik wil die van mij vooral volbrengen; in mijn eigen tempo, zonder blessures of ander leed.

Het voelt ronduit louterend om nu eindelijk echt mee te kunnen doen met mijn mede sporters. Drie jaar geleden lag ik er door die stomme val voor spek en bonen bij in mijn hoog-laagbed. Het was alsof alle andere deelnemers bij elkaar in de woonkamer plezier konden maken en ik via Zoom toe moest kijken. Al met al tamelijk eenzaam.

Qua sponsoring gaat het eveneens boven verwachting lekker. Van het totale doelbedrag (€30.000) is al 50% opgehaald. Mijn eigen streefbedrag zette ik op 1.500 euro en heel wat bekenden tastten reeds voor de tigste keer in de buidel. Maar ik kreeg ook een aantal donaties van mij wildvreemde mensen. Alle giften vervullen me met dankbaarheid, ik kan dat niet vaak genoeg zeggen.

Dit malle jaar loopt op zijn einde en de kerstdagen beloven er weinig feestelijk uit te zien. Toegegeven, er zijn vast ook mensen die, al dan niet stiekem, in stilte genieten van een jaar zonder gekibbel aan de overdadige dis. De tandglazuur aantastende kerstmythe die ons al decennia lang op tv wordt voorgeschoteld is per definitie een smakeloze leugen. Je zal echter alleen zitten met die dagen, terwijl je liever wat gezelschap in je aura had gehad. Al was het maar om wat tegen te snauwen.

Ruimhartig fysieke knuffels uitdelen zit er nog lang niet in. Pas als de vaccinatiegraad voldoende op peil is wordt het weer veilig om elkaar lyrisch in de armen te vallen. Misschien heb ik tot die tijd een aardig alternatief. Je kunt die ene speciale persoon een Skaty knuffel cadeau doen! Je bestelt hem vanuit je luie stoel via www.skatyknuffelweken.nl. De verzending wordt voor je geregeld en met je aankoop draag je meteen een steentje bij aan onderzoek naar de genezing van taaislijmziekte. Hopelijk wordt het zo alsnog een hartverwarmende kerst voor iedereen.


woensdag 9 december 2020

Apenkooien

Met de Italiaanse noodtoestand indachtig - overvolle IC-paniek en troostend balkongezang - bestelden wij aan de vooravond van de intelligente lockdown een loopband. Als we dan niet meer de deur uit zouden mogen, konden we in elk geval in onze eigen tuin nog aan de geestdodende wandel. Desnoods met de hond aan de riem erachteraan. Gelukkig heeft het hier niet zover hoeven komen en maken we sinds maart elke dag een verkwikkende wandeling door het dorp.

Naar mate de inhuizige maanden verstreken en ons wel duidelijk werd dat we nog erg lang plezier gaan beleven aan het virus, druppelden meer en meer sportartikelen ons huis in. Ik bestelde dumbbells en kettlebells in verschillende gewichten. Ook gooide ik op aanraden van de fysio een stepbankje in de winkelmand. Uitgestald naast de yogamat en de elastieken speel ik sindsdien bijna dagelijks sportschooltje in de woonkamer.

In de garage moet ook nog ergens een hoepel hangen. Toen hoelahoepen een paar jaar geleden hip was moest ik ook zo'n ding hebben. Ik zat destijds aan de Prednison en kampte met een riant overschot aan energie. Ik hoepelde me het apelazarus. Na het laatste pilletje synthetische pep liet ik de blauwe stootplekken op mijn bekkenbotjes genezen. De hoepel kwam alleen nog tevoorschijn als circusattribuut voor de hond. Die pertinent weigerde er doorheen te springen, hoeveel snoepjes ons buurmeisje ook voerde.

Vanmiddag sjouwde de bezorger van DHL een forse doos de hal in. Verheugd kwam Sjrd zijn kantoor uit. Met de witte oortjes nog in zijn hoofd sloeg hij subiet aan het slachten van het mysterieuze pakket. Zijn laatste aanwinst voor het thuiskantoor is een flexispot: een hometrainer met een verstelbaar tafelblad. Je kunt eraan zitten en meteen wat kilometers fietsen of staand je werk doen. Want zitten is het nieuwe roken, dat is inmiddels algemeen bekend.

Misschien moet ik mijn hoepel toch weer eens opsnorren. Als ik dan al onze sportspullen kris kras door het huis uitstal in een lollig parcours doen we tussen de bedrijven door een bootcamp crossfit circuitje. En dat noemen we dan apenkooien, want om onbegrijpelijke redenen was dat vroeger het hoogtepunt van de gymles op school.

dinsdag 8 december 2020

Marco

Nou hij staat te schitteren hoor. Onze kunstspar is in vol ornaat opgetuigd, met honderden fonkelende lichtjes en een scheve piek in de top. Het kerstboomvirus blijkt net zo besmettelijk als Covid19. Hoe meer kerstmeuk het brein moet verwerken, hoe sneller de infectiegraad stijgt. Het huidige reproductiegetal is maar mooi multi interpretabel.

Met een gezonde portie tegenzin takelde Sjrd alle spullen voor me naar beneden. Hij is Koning Tetris van de garage en in januari ruimt hij de kerstspullen het liefst zo hoog en onzichtbaar mogelijk op. Ik vermoed in de hoop mij tegen de tijd dat het december is te laten vergeten dat we een boom en ballen hebben. Bij de meeste stellen zorgt het optuigen van de vredige sfeer ergens in het proces voor een gepaste echtelijke twist. De kluit is te lomp, het lichtsnoer zit in de knoop, de hond die de onderste glazen ballen er blij kwispelend uit dondert. Er is altijd wel een reden voor een hartstochtelijk ruzietje. Hier brak de pleuris al uit toen ik voorzichtig ventileerde toch de boom te willen zetten. De zure bek die me ten deel viel sprak boekdelen. Lang leefde ik in de veronderstelling dat de reïncarnatie van Scrooge mijn wezen had gekozen om in voort te leven. Inmiddels weet ik dat het mijn dierbare wederhelft is die een nog grotere takkenhekel heeft aan Kerstmis dan ik.

Met de mens al bellend en MS Teamsend in het kantoor had ik vrij spel om in de woonkamer ongestoord mijn ding te doen. Al neuriënd bouwde ik de boom op en boetseerde alle samengevouwen naalden tot een opgefluft geheel. Tot mijn eigen verbazing rolde ik de clusterverlichting moeiteloos van beneden naar boven door de takken. Het begon zowaar al ergens op te lijken. Bij de blik op de kratten met ballen en ornamenten dreigde een moment van ontmoediging. De boel optuigen is allemaal leuk en aardig maar de klerenbende straks weer in mijn eentje moeten ontmantelen zorgt voor een stuk minder plezier. Ik besloot het ballenspektakel te beperken tot de ornamenten. Groot van formaat, kleurrijk, grappig en inmiddels meer dan genoeg in aantal om de boom gedekt mee aan te kleden.

Mijn pièce de résistance is een hanger in de vorm van het getal 2020. De ene nul ziet eruit als een virusdeeltje en de andere nul is een uitgerolde wc-rol. Daarbovenop zitten twee gemondkapte kerstmannetjes waarvan er een fles handalcohol vast heeft. Een prima samenvatting van dit jaar. Ernaast hangt de opgeblazen groene kikker met het gouden kroontje op zijn hoofd. Ik heb hem tot Marco geslagen. Hopelijk houdt hij zich een beetje gedeisd.

maandag 7 december 2020

Confrontatie

Het was een filmpje op Facebook dat me voor de tweede keer in een paar dagen tijd onder ogen kwam. Een Amerikaans kinderkoor zong een liedje over herinneringen. Het was in coronastijl opgenomen, met talloze hoofdjes op kleine schermpjes, gemonteerd tot een gezamenlijk beeld. De opgepoetste kopjes Zoomzongen elk vanuit het eigen huis, met van die draadloze oortjes in en de plechtige blik op oneindig. Hun hoge, loepzuivere stemmetjes sneden door mijn ziel. Toen ook nog de strijkers werden ingezet was er geen houden meer aan.

Het was de rol cadeaupapier waarmee ik in de weer was geweest. Met zorg verpakte ik het chocolade lekkers in een jasje van een sinterklaaspapier. Bij de pakjes wafels schreef ik kaartjes met voor elke ontvanger een persoonlijke noot. Sinterkerst loopt hier vloeiend in elkaar over. Weemoedig dacht ik terug aan de eindeloze stroom cadeaus die ik bij een niet nader te noemen parfumerie van deftig papier en luxe strikken had voorzien. En hoe zeer ik die heerlijke middagen miste. Net als het zingen met mijn koor. Beide bezigheden hadden me toch zoveel plezier gebracht. Maar met de kennis van nu waren het venijnige bronnen van infectie waarin ik me vrolijk onderdompelde.

In het schemerdonker was ik vertrokken. Door de speakers schalde mijn Kazige Kerstlijst die ik op Spotify had aangemaakt. Als een dief in de nacht sloop ik naar voordeuren en brievenbussen. Stilletjes de klep openen, de post in de gleuf friemelen, aanbellen of kloppen en weghollen. Op de automatische piloot vervolgde ik de route die me zo eigen is, maar die ik in februari voor het laatst aflegde. De verlichte huizen en tuinen die ik passeerde waren talloos. Alsof de bewoners vonden dat er dit jaar gecompenseerd moest worden. Het trof me. Toen ik de auto het parkeerterrein opdraaide zag ik dat mijn plekje vrij was. Onwennig schoof ik de stationwagon tussen de lijnen. In het hoge gebouw voor me brandde licht. Mensen liepen op en neer. Er was bedrijvigheid. De opkomende brok in mijn keel liet zich moeilijk wegslikken. In mijn ogen prikten tranen. Ik keek naar het leven zoals ik het kende maar dat voor mij stopte in maart.

Als afgesproken belde ik aan. Ik zette de bruine tas met presentjes alvast neer en manoeuvreerde mezelf snel twee meter naar achteren. Slv kwam uitbundig zwaaiend naar de schuifdeuren. Ze droeg een mondkapje. Oh ja. Dat moet nu. Ik wist het wel, maar kende het tot dit moment alleen van tv. We kletsten als vanouds. Achter haar liepen mensen. Ook zij droegen mondkapjes. Plots zag ik hem. Midden in haar zin riep ik "Is Cn nog hier?" Een paar uur eerder hadden we elkaar op het scherm gezien maar nu was hij hier echt. Op een drafje ging Slv achter hem aan. En daar stond hij, pal voor mijn neus. Voor het eerst sinds de pandemie voelde ik de behoefte mijn armen om iemand anders dan mijn dierbaren heen te slaan.

Het was de confrontatie met de strikte zelfisolatie die nu al zo lang duurt. De optelsom van herinneringen die elke december opnieuw uitgelicht wordt. De potpourri aan emoties die zich aan het eind van het jaar onverbiddelijk naar de oppervlakte wringt. Als een puist die op springen staat. It hit me in the face, with a chair. In een waas van tranen en lichtjes reed ik naar huis, de Kazige Kerstlijst bleef ze uitbraken.

vrijdag 4 december 2020

Dag Lieverd

Dag Lieverd,

Die gekke pandemie heeft ons allemaal in de greep

Het coronavirus helpt de sfeer dit jaar nogal om zeep

Buiten de eigen bubbel is het snel niet pluis

Dus zelfs Sinterklaas en de Pieten werken nu vanuit huis

Het paardje Ozosnel blijft noodgedwongen op stal

Zijn ogen staan triest en het gehinnik klinkt wat mal

Hij mist de nachtelijke ritjes over het dak

Bezorgd wuift zijn staartje naar al die pakjes in de zak

Moet hij soms net als Amerigo al met pensioen?

Maar hoe komen die cadeautjes dan in ieders schoen?

Boos trapt hij nog eens tegen de staldeur aan

Zo slecht heeft hij het vorig jaar toch niet gedaan?

Wat het edele dier begrijpelijker wijs niet kan snappen

Is dat we dit klusje gewoon samen op zullen knappen

Hulpsinterklazen en Pakjespieten door heel het land

Bieden de Spaanse thuiswerkploeg de helpende hand

Daarom dit rijmpje klein maar fijn voor jou alhier

Dat je meeleest op dit blog doet me veel plezier

Doe je best, blijf gezond en houd de moed

Dan is volgend jaar alles beslist weer goed

Dag hoor.

donderdag 3 december 2020

Wafels

Hier in huis stemmen wij elke zaterdagavond vol verkneukeling af op Even Tot Hier. Het is ongelooflijk knap welke door het virus ingegeven draai Niels en Jeroen hun programma hebben gegeven. Op hun wekelijks terugkerende vraag wat er ondanks corona toch nog doorgaat zijn zij zelf gelukkig een van de verlichtende antwoorden. Al maanden slingeren wij te pas en te onpas 'Here We Go!' naar elkaars hoofd. Net als 'Mij niet bellen' maar daarin zijn we vast niet de enigen.

Qua decemberiaanse plichtplegingen gaat er voor ons bijzonder weinig door dit jaar. De vraag hoe erg dat is laat ik in het midden. Ik twijfel zelfs nog over het optuigen van de kunstboom. Waar bij veel mensen het engelenhaar al in oktober begon te fantoomjeuken heb ik bij mezelf nog geen spoor van kitschkoorts waargenomen. Dat gedoe en gesleep met al die spullen, ik trek er niet aan. Het kan goed zijn dat ik volgende week toch ineens de geest krijg, maar voor hetzelfde geld wordt het een kerstfeest zonder piek. Die piek zal met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid na de jaarwisseling vanzelf wel weer tevoorschijn komen, maar dat is een heel ander verhaal.

Wat gelukkig toch nog doorgaat dit jaar is de geplande heupoperatie van mijn moeder. Een week voor kerst mag ze onder het mes en daarna kan ze gelijk Jezus' moeder revalideren onder de boom. En doordat de operatie moest worden uitgesteld konden we gisteren toch nog onze eigen, kleine decembertraditie ten uitvoer brengen. Samen een stapel wafels bakken. Veilig in de buitenlucht, onder de overkapping. Met het straalkacheltje op de benen gericht en een afspeellijst vol kazige kerstliedjes op Spotify. Ik weet niet wie harder genoot.

Twee uur en vijftig wafels later maakten we samen nog een wandeling door het dorp waarin ik opgroeide. We liepen langs dezelfde meanderende Maas als op andere dagen, alleen een stukje zuidelijker. Ik knipte selfies tot het rolletje vol was en bij iedere poging voelde ik haar hand zich vaster om mijn zij leggen. Het was de intiemste vorm van fysiek contact dit jaar. "Niet zo hard hoor," moest mijn als fit te boek staande moeder een paar keer mankepotend zeggen, tot ons beider verbazing. "Wie had dat gedacht hè?" klonk het zacht. Inderdaad mam, hoewel ook deze wending naadloos past in dit vervreemdende jaar. Nog een paar weken, dan laten we het allemaal achter ons en loop jij weer als een kievit 2021 in. Gelukkig zijn er tot die tijd wafels, voor elke dag één. Here We Go!

woensdag 2 december 2020

CFit

Dat gedoe op die yogamat was geen lang leven beschoren. Het ging me veel te traag allemaal. Bovendien maakte al dat bewuste geadem me stik nerveus. Het resoneert nogal eens in mijn luchtpijp; de ontspannende werking die van dat gereutel uitgaat is nihil. Halverwege de les keek ik met een half oog op de klok, benieuwd of het al opschoot. Bij de slotoefening lag ik me met toegeknepen ogen ronduit op te winden op mijn matje. Ging de yogamadam er onderhand een eind aan breien of wat? Ik had nog meer te doen.

Na mijn blog over Arie Boomsma kreeg ik een berichtje van CF-collega Jdth1. Of ik toch niet eens mee wilde doen met het online sportgroepje dat tijdens de eerste lockdown op haar initiatief was ontstaan. Ze had het me al eens vaker gevraagd maar de einzalgänger in mij had de boot vakkundig afgehouden. Ik ben doorgaans niet zo'n held met groepjes. Noch in sporten. Laat staan onder het toeziend oog van lotgenoten. De streber in mij wil dan toch de beste zijn, hoewel ik op voorhand weet dat dat beslist niet het geval zal zijn. En het kwetsbare kind in mij is bang om de slechtste van de groep te zijn. Want die anderen doen het langer en kunnen het vast beter. Verzin het maar. Het jeukende litteken van een jarenlang durend gymtrauma. De kleinste, de zwakste, degene die steevast als laatste gekozen werd. Veldvulling.

Een mens hangt van niet-functionele patronen aaneen. Pas toen ik helder had dat dit er weer zo eentje was durfde ik over mijn eigenhandig uitgestalde obstakels heen te stappen. Nog diezelfde ochtend verscheen ik in mijn sportkloffie op het strijdtoneel voor een proefles met de hoesters. Dit was mijn peergroup, hier kon ik de angst voor concurrentie gerust laten varen. Nieuwsgierig en enthousiast ging ik aan de slag.

Drie kwartier later lag ik gevloerd op mijn blauwe matje. Juf Jdth2 had ons alle hoeken van de woonkamer laten zien. Mijn kop was rood, ik voelde nat onder mijn oksels, en mijn hartslag had zelfs een poosje in de cardiozone gezeten. Amai zeg! Dit was intensiever dan ik met de fysioboys doe, constateerde ik licht geschrokken. Om de schok nog groter te maken bespeurde ik een groot gevoel van voldoening na afloop. Was ik hier al die tijd zo bang voor geweest?

Sindsdien is de knop om. Twee ochtenden per week werk ik me tegenwoordig onder toeziend oog van mijn lotgenoten in het zoute zweet. Het samen online sporten is een fijne aanvulling op de trainingen met de fysio's. Ik kijk er zelfs naar uit, zo geniet ik ervan. Lekker bezig zijn, ieder op zijn eigen niveau en tempo. We zijn elkaars stok achter de deur. En geen mens die raar opkijkt van wat gekuch tussendoor of een venijnige hypo die abrupt noopt tot stoppen. Ik kan het iedereen met een foutje op het zevende chromosoom aanraden. Kom erbij en sla je slag!

dinsdag 1 december 2020

Laatste rit

Het was druk op de A2. Te bepalen aan het aantal auto's op de weg zou je niet zeggen dat we nog steeds pal in een pandemie zitten. De dringende oproep om zoveel mogelijk vanuit huis te werken lijkt weinig effect te sorteren. Ik kan me althans niet voorstellen dat het louter vitaal wegverkeer betrof waar ik me tussen bevond.

Waarom ik zelf dan achter het stuur van mijn eigen auto zat te mopperen over de drukte op de weg? Om hem weg te brengen. Na 44.000 kilometer in bijna vier jaar tijd was het einde van het leasecontract van de Mini in zicht. De weinige ritten die het blauwe beestje dit jaar maakte waren de tochten naar en door Frankrijk. De rest van de maanden stond hij knap te zijn op de oprit. Tamelijk zinloos allemaal, met twee kluizenaars in huis en een veranderde wereld om ons heen.

De eer van de laatste rit was aan mij. Zoevend over de snelweg overdacht ik nog eens waar deze heerlijke automobiel me overal moeiteloos had gebracht. De herinneringen aan het Franse landschap zijn talloos. Met het dak geopend door de zwoele nacht, de donkere hemel boven ons bezaaid met sterren. Alle zwijnen en vosjes die oplichtten in de koplampen en zich gehaast uit de voeten maakten. En die keer na de fysio, toen ik nietsvermoedend het open gedraaide flesje eiwitdrank royaal door het smetteloze interieur schudde. De hardnekkige vlekken zijn weliswaar vervaagd maar nooit meer volledig uit de bekleding gegaan. De helse oversteek van de Eindhovense ijsbaan naar het Máxima Medisch Centrum in Veldhoven zal ik ook niet licht vergeten. Hoe ik met mijn  - naar later zou blijken - gebroken heupkom in en uit de auto klauterde. En de ongelooflijke hoeveel spullen die ondanks zijn naam in zo'n auto passen.

Voor me uit reed Sjrd, in de witte Mégane die ons de komende jaren van gemak gaat dienen. Hij is uitermate geschikt voor veel verplaatsingen naar Frankrijk. En dat is precies wat we willen. In die wetenschap parkeerde ik de Mini tevreden voor de deur van de dealer in Maastricht. Deze reis zit erop. Tijd voor nieuwe avonturen!

maandag 30 november 2020

Lellen van forellen

Voor het eerst sinds ik de blogdraad weer oppakte begin ik licht zoekend aan mijn tekst. Bijna altijd zit er wel een onderwerp vooraan in mijn hoofd waarover ik wil schrijven. Of er gebeurt in de loop van de dag iets waaraan ik een verhaaltje op kan hangen. Dat hoeft niks groots te zijn. De meeste woorden komen voort uit kleine momenten. Maar nu is er niks. Of misschien juist wel teveel. De cursor in mijn bovenkamer knippert in hetzelfde ritme als die op mijn beeldscherm.

In plaats van op de dag kijk ik eens terug op een heel weekend. Want dat was ronduit fijn. Het begon op vrijdag, met het planten van een boom in onze achtertuin. Midden op het gazon zette de hovenier een kloek krentenboompje in de aarde. Hopelijk wil hij daar een beetje wortelen want ik verheug me nu al op de bloemenpracht die ons in het voorjaar te wachten staat. En hoe de vogels en bijen zich tegoed kunnen doen aan al dat fantastische lekkers.

Op zaterdag togen we naar de Beegderheide, mijn nieuwe favoriete natuurgebied. Eerst loop je door het bos en plots sta je zomaar op een open heideterrein. Maar ook zijn er her en der wat vennetjes en zandverstuivingen te vinden. Je kijkt er je ogen uit. Samen met Nk, Frnk en Mrl maakten we een wandeling van bijna anderhalf uur. Dat tikte meteen lekker aan voor mijn wandel challenge met Move4AIR. Weer thuis smikkelde ik van de zelfgebakken pepernoten van Mrl. Plus de lellen van forellen die mijn vader onlangs eigenhandig uit een vijver viste. Ontdooid en schoongemaakt kwamen ze tot ons, met de kop er nog op. We hoefden ze alleen maar in de oven te steken en op te eten. Daar was echter geen beginnen aan, wilde ik niet weer een weekend vol buikpijn beleven. Rozig kroop ik iets te laat onder het dubbele dekbed van een vers opgemaakt bed.

De zondag leverde na de nodige inspanning maar mooi een proper huis en bijgewerkte was op. Ter ontspanning maakten we daarna onze dagelijkse tippel langs het water. Het was zonnig maar koud, met zo'n snijdend winters windje dat gek is op schrale wangen. Wandelen ter ontspanning na poetsige inspanning. Had me dat een jaar geleden gezegd en ik was in amechtig lachen uitgebarsten. Het kan verkeren. Onder het genot van een glas rode wijn gebruikte ik het staartje van de middag voor wat Sinterklaasgerommel. Ik schep daar nog elk jaar veel genoegen in. Ter ere van Sint Pannekoek zorgde mijn vader ook vandaag voor het diner. Omwille van het virus stond mijn moeder rond het avonduur met een bord warme pannenkoeken aan de achterdeur. Sjrd gaf echter de voorkeur aan friet en stortte zich voor de tweede avond op rij op de overgebleven vissen. Secuur pelde hij het vlees uit de geschubde jas, graatje voor graatje. Hij had er zelfs zijn keukenschort voor aangetrokken. Ook dit scenario had niemand een jaar geleden kunnen schetsen.

Hoe later het werd, hoe harder mijn bloedsuiker omhoog klom. Pannenkoeken zijn qua koolhydraten een regelrechte ramp. Daarom eet ik ze ook maar eens per jaar. In Sjrds verteringsgestel wilde het evenmin vlotten. Hem was de vis letterlijk teveel geworden. Ellendig van de buikpijn smeekte hij me om een kakzakje. En zo werd het toch nog een weekend met buikpijn.

vrijdag 27 november 2020

Luchtbrug

Zo'n beetje alles lag stil tijdens de eerste golf. Zolang het niet van vitale orde was moest het wachten. Vanaf de intelligente lockdown werd je alleen in het ziekenhuis gezien als daar acute aanleiding toe was. In principe gebeurde alles bij voorkeur telefonisch. Ik kon me daar prima in vinden. En dat ik geen longfunctie kon blazen vond ik persoonlijk eigenlijk niet zo'n ramp. Het paste prima in mijn regime van rust, reinheid, regelmaat.

Half april kwam het goede nieuws naar buiten dat mensen met CF voor het blazen van een longfunctie niet langer per se naar het ziekenhuis hoefden te komen. Onze patiëntenvereniging had de handen ineen geslagen met het Radboudumc. Dankzij een speciale subsidie van de overheid en een bijdrage van Skate4AIR kwam er voor alle patiënten op korte termijn een longfunctiemeter voor thuis beschikbaar. Deze Luchtbrug zou ons maar mooi de toekomst inblazen.

Toevalligerwijs was het ziekenhuis waar ik onder behandeling ben al een poosje langer bezig met een vergelijkbaar project. Om die reden nam mijn UMC geen deel aan deze collectieve Luchtbrug. Niettemin zouden ook de Utrechtse hoesters over niet al te lange tijd met een mobiel metertje aan de slag kunnen.

Inmiddels schrijven we eind november. Mijn laatste longfunctie blies ik in februari. De uitgifte van de longfunctiemeters voor thuis duurt maar voort. Ironisch genoeg ligt door corona de levering op zijn gat. Wanneer de zwaarbevochten apparaatjes weer op voorraad zijn is het best bewaarde geheim van 2020.

Na de meest recente telefonische controle was ik er klaar mee. En ik meende te proeven dat mijn arts me hierin begreep. Het was de tijd om het heft in eigen handen te nemen. Als de Brug niet tot Irène komt, zal Irène tot de Brug gaan. De longfunctiemeters uit de collectieve Luchtbrug zijn gewoon online te koop. De kosten vallen naar verhouding wel mee en het bonnetje kan keurig in de klapper van de belastingaangifte over dit hilarische jaar. Het leek me wel een gepast kerstcadeau.

Vandaag werd mijn bestelde oranje blazert bezorgd. Van het uitpakken alleen kreeg ik al de zenuwen. Ik moest er acuut van poepen. Pas met kerst trek ik hem onder de boom vandaan. Denk ik. Voorpret is de helft van het plezier. Bovendien doet het merkwaardige presentje prima dienst als laxeermiddel. Ik hoef er maar naar te kijken of mijn darmen springen aan. Het speleding is met recht een Luchtbrug.

donderdag 26 november 2020

Tussenjaar

Met mijn mond vol brood nam ik de telefoon op. Ik wist wie me probeerde te bereiken op het bekende 088-nummer. Vanmiddag stond mijn kwartaalcontrole met de longarts gepland. Hij belde gewoon even onder lunchtijd. "Dan hebben we het maar gehad hè?' klonk de man als vanouds. Ik kon het niet méér met hem eens zijn.

Vlotjes namen we de huidige stand van zaken door. Weinig sputum op het moment, regelmatig wat gedoe met mijn buik ondanks voldoende vocht, vezels en beweging. Suikers nog steeds licht labiel met af en toe uitschieters naar boven en beneden, maar binnen de perken van de acceptabele grenswaardes. Met de aankomende vaccinaties in het verschiet voorspelde hij dat het leven zo rond de zomer wel weer zo'n beetje normaal wordt. Eenzelfde termijn noemde hij voor de beschikbaarheid van het nieuwe geneesmiddel waar de ganse zoute goegemeente reikhalzend naar uitkijkt. Wat mij betreft een stelling met de natte vinger, in het licht van het slepende traject met Orkambi en Symkevi. Ik houd mijn hart vast voor de financiële paringsdans tussen de fabrikant en de minister slash staatssecretaris die ons nog te wachten staat.

Vóór het virus was ik een dag kwijt met zo'n controle en lag ik nadien op apegapen. Sjrd kostte het een vrije dag. Vandaag rondden we na negen hele minuten bellen het gesprek af. Met de conclusie dat de vervolgafspraak over drie maanden andermaal een telefonische wordt, mits ik zo stabiel blijf functioneren als nu. Want in februari is het hartje winter, wordt er ongetwijfeld nog volop gesnotterd, en wil ik overal zijn behalve in een gigantische potentiële bron van besmetting met wat dan ook. Tevreden verbrak ik de verbinding en hervatte mijn lunch. Een lange middag lag in al zijn zaligheid voor me. De enige vermoeidheid die ik voelde was die van mijn sportsessie eerder in de ochtend. Sjrd zat al die tijd volledig facturabel te werken in zijn kantoor.

Tijdens onze middagwandeling herkauwden Sjrd en ik de controle nog eens. "De coronacrisis is het beste wat me dit jaar is overkomen," had ik lachend aan mijn arts opgebiecht. Cijfers om dit statement kracht bij te zetten kan ik niet aanvoeren. Maar ik voel aan alles dat deze manier van leven me geen windeieren legt. "Ik heb een tussenjaar," klonk het plechtig naast me. En dat is het precies. Dat je daar vroeger per se voor naar Australië moest is net zo'n bedacht concept als woon-werkverkeer, een kantoorbaan van negen tot vijf, en in een benauwd spreekkamertje gezondheidsgerelateerde vragen beantwoorden. De vrijheid om te reizen, reflecteren en relaxen zit in jezelf. Soms heb je er een pandemie voor nodig om tot dat besef te komen.

woensdag 25 november 2020

Uit dubio

Vorige week berichtte ik nog over mijn twijfels ten aanzien van het meedoen aan de Winter Flow van Move4AIR. De positieve reacties en aanmoedigende steunbetuigingen die ik al snel ontving waren net dat duwtje wat ik nodig had. Nog voor het middaguur was mijn inschrijving een feit. Toen ik naar bed ging was er al zoveel gedoneerd dat ik mijn doelbedrag naar boven moest bijstellen. Ik blijf me daarover in diepe dankbaarheid verbazen.

Inmiddels zijn alle voorbereidingen voor de Helftsteden Wandel Challenge getroffen. Mijn wandelschoenen staan opgepoetst te trappelen en alle ledematen zijn vooralsnog intact. Ik maakte een Strava-account aan en koppelde dat aan Challenge Hound. Dat platform houdt bij hoe hard het opschiet met je gekozen uitdaging. Voor mensen die gevoelig zijn voor wat onderlinge competitie een mooie extra stok achter de deur. AlleenSamen sporten zoals het in deze coronatijden bedoeld is.

Komende vrijdag klinkt het startschot en gaan alle deelnemers voor vijf weken aan de slag met hun kilometers of uren. Er kan worden gefietst, gewandeld, hardgelopen en zelfs geschaatst. Maar als je elke dag een uur lang op je kop wil staan, gaat jongleren met mandarijnen of van plan bent om naakt te tuinieren mag dat ook. Zolang je je maar op een sportieve manier inzet en daarmee zoveel mogelijk geld ophaalt voor onze taaie vijand, de Cystic.

Er hebben zich inmiddels al 31 enthousiastelingen aangemeld voor de Move4AIR Winter Flow. Gezonde mensen, zieke zielen, bekende sporters, zelfs een van tv beroemde arts-microbioloog klimt op zijn fiets tegen CF. Maar hoe meer zielen, hoe meer vreugd. En hoe meer geld in de pot voor onderzoek naar taaislijmziekte. Aanmelden is nog steeds mogelijk. En onthoud: als die Irène het kan...

Voor twee twijfelkonten die dit blog lezen heb ik een aantrekkelijke actie: als je je aanmeldt via mij mag ik je een exclusieve kortingscode geven die je vrijstelt van het inschrijfgeld ter waarde van €20,00. Laat een reactie achter, reageer op Facebook of stuur me een mailtje (mail@irenemols.nl). Ik klink zowaar als een echte influencer nu. Ware het niet dat ik zelf wel twintig ekkies lapte om mee te kunnen doen. Het bedrijfsmodel van een carrière als influencer moet nog wat aangescherpt blijkt wel. Maar dat wordt mijn volgende uitdaging. Eerst eens die 100 kilometer wandelen eraf brengen zonder kleerscheuren. En mocht je me eventueel nog willen sponsoren, dan kan dat hier.

dinsdag 24 november 2020

Element

Ik was zo'n kind dat graag het gezelschap van volwassenen opzocht. Mijn moeder maakte ooit een foto waarop ik gezellig zit te lunchen met een stel mij onbekende bouwvakkers. De garage aan de andere kant van onze driekapper werd verbouwd. Ik had al snel in de smiezen dat daar de actie was. Toen de mannen rond lunchtijd hun broodtrommels erbij pakten, snelde ik naar huis. Met twee boterhammen met vruchtenhagel en een beker melk vervoegde ik me niet veel later weer bij hen. Daar zat ik, met mijn rug tegen de muur, bovenop twee opgestapelde zakken cement. In mijn groen-witte joggingpak, zo'n palmboomstaartje midden op mijn hoofd. Een jaar of zeven zal ik zijn geweest. Helemaal in mijn element.

In alle vroegte en eerder dan afgesproken meldden de hoveniers zich vanmorgen. Met groot materieel stonden ze op de stoep. Vóór acht uur 's morgens zijn wij hier niet op ons best, helemaal met een buik op oorlog. De eerste echtelijke ruzie was dan ook binnen een kwartier een feit. Sjrd vertrok mokkend met zijn brood naar het kantoor, ik zat met een strakke bek aan de eettafel mijn ontzettende yoghurt naar binnen te lepelen. Buiten klonk het geknetter van een motorzaag.

Zo'n beetje tegen de eerste koffiepauze zat er weer model in de haag en was het ergste gif binnen ook wat gezakt. De bekende terugslagen die nou eenmaal bij CF horen hebben toch altijd meer impact dan we graag willen. Ze verstoren de balans en brengen het vertrouwen meteen aan het wankelen. Inmiddels herkennen we het patroon en tegenwoordig halen we sneller dan voorheen de angel eruit. Uitpraten, afzoenen, klaar.

Rond de klok van half één installeerden de tuinmannen zich in het zonnetje op het terras voor hun middagpauze. Uit de blauwe plastic tas kwam van alles tevoorschijn. Een gevulde koek. Een blikje energy drink. En goed belegde broodjes in zilverfolie. Sara was er als de kippen bij. Druk snuffelend hupte ze van de ene hand naar de andere. Ronduit flirterig kronkelde ze haar tengere lijf rond de werkmansbenen. Alles voor een gevallen kruimel of een stukje kaas. Van lieverlee nestelde ze zich op de hocker, pontificaal in het midden tussen de jongens. Intens tevreden zat ze daar, helemaal in haar element. Het was alsof ik naar de hondenversie van mijn zevenjarige zelf zat te kijken. Als we vruchtenhagel in huis hadden gehad was ik naar de keuken gesneld.